Zomerhockey op Almelo: ‘Op woensdag is de club wél open’

In de serie ‘Zomerstop’ aandacht voor het leven op clubs in de hockeyloze zomer. In deze aflevering bellen we met Almelo. Ook daar lag de boel op z’n gat de afgelopen weken. Behalve op woensdagavond. Organiseert jouw club ook opvallende activiteiten tijdens de zomerstop? Mail naar redactie@hockey.nl.

Vorige week woensdag zou het animo vast tegenvallen. Middenin de vakantie en ook nog eens hondenweer. Maar ook deze keer was de opkomst bijzonder goed bij dé manier waarop Almelo z’n leden bijeenbrengt. Het zomerhockey. ‘We hadden hier 41 spelers rondlopen’, zegt voorzitter Clem van Münster enthousiast. ‘Jaha, dat had ik ook niet verwacht hoor. Maar het was bijna hetzelfde aantal als in de weken dat het wel mooi weer was. Telkens halen we rond de 45 hockeyers. En dat iedere woensdag. Leuk toch?’

Hoe oud je bent, welk niveau je hebt, het maakt op de woensdag tussen acht en half tien allemaal niet uit bij Almelo. ‘Twee van onze drie velden gebruiken we voor het zomerhockey. Hoe je heet of wie je bent, dat is allemaal onbelangrijk. De vorige keer was de jongste denk ik een jaar of acht. De oudste was een veteraan van zestig. Jammer dat onze Wim er niet bij was. Want hij is nog ouder. 74! Helaas ging-ie met vakantie, waardoor hij ontbrak.’

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door MHC Almelo (@mhcalmelo)

Traditie van ‘zeker tien jaar’

Het concept is meer dan simpel. ‘We spelen zeven-tegen-zeven met het aantal mensen dat er is. Meestal komt dat neer op zes teams. Tenminste, zo was het de afgelopen weken. Die teams deel ik zelf in.’ Hij schiet in de lach. ‘Ja, ik doe zelf ook mee. Als voorzitter moet je er juist voor zorgen dat je erbij bent als er wat op de club gebeurt. En dit is het enige wat er deze periode op de club plaatsvindt. Ja, de training van de recreanten loopt ook nog door. Maar daar komen minder mensen op af.’

De traditie van het zomerhockey bestaat al jaren, stelt Van Münster. ‘Zeker tien jaar. Elk jaar staat dit op onze agenda. Eerlijk gezegd heb ik geen idee wanneer en hoe dit ooit is opgestart. Maar ik vind het een prachtige manier om je leden toch iets te bieden in de zomer. Stiekem zijn er toch een hele hoop die geen hockeystop willen en het clubleven zouden missen.’

Ranja, bier en wijn

De onderlinge verbondenheid is volgens Van Münster de grootste winst aan het zomerhockey. ‘Het kost natuurlijk niets. Na afloop zetten we een kan ranja op tafel en wordt er nog wat bier en wijn gedronken. Voor de omzet hoeven we het niet te doen. Veel belangrijker vind ik het dat mensen op de club het contact met elkaar kunnen onderhouden en andere hockeyers leren kennen. We zijn geen heel grote club, maar sommige teams en spelers komen elkaar bijna nooit tegen. Omdat dit veel kleinschaliger is, heb je veel sneller contact. Ik vind het bijvoorbeeld altijd mooi om te zien hoe de jeugd na afloop nog wat leert van de grote mannen. Want ja, er doen ook kerels van heren 1 en 2 mee. Die houden zich tijdens de partijtjes een beetje in. En geven daarna nog wat tips aan de jongere spelers. Corners slepen, enzo.’

Van Münster geniet als hij over de saamhorigheid op z’n cluppie praat. Het zomerhockey gaat nog door tot het einde van de vakantie, waarna het gewone clubleven weer begint. Maar voor de voorzitter zitten de trainingen erop. ‘Ik heb nog een vakantie staan’, klinkt het bijna met wat spijt in zijn stem. ‘Volgende week zijn we met de camper weg, naar Frankrijk.’ Lachend: ‘Dus is het de grote vraag wie straks de teams indeelt.’

 


Wat vind jij? Praat mee...