Clubs Midden-Brabant maken samen einde aan ronselpraktijken

Het behouden van toptalenten voor de regio en een einde maken aan ronselpraktijken. Met deze intenties hebben onlangs elf clubs uit Midden-Brabant hun handtekening gezet onder een convenant. Daarin staat hoe clubs moeten handelen om talenten van andere clubs binnen de regio aan te trekken. 

‘Het is een goed signaal. We moeten open willen en durven communiceren’, zegt voorzitter Harold de Baar van Berkel-Enschot over het convenant. ‘Ronselen is niet de bedoeling. We willen ongewenst leuren door ouders die met hun kinderen de clubs afgaan voorkomen. We willen elkaar niet het gevoel geven dat we spelers bij elkaar weghalen.’

Heet hangijzer

Het onderwerp is een heet hangijzer. Het leidde eerder al tot scheve gezichten en onderling onbegrip. Zo werden twee speelsters van Baarle via de achterdeur benaderd. ‘Dat is niet netjes gegaan’, zegt Dennis Stegeman, secretaris van de jongste club binnen de regio.

Duel om de bal tijdens Tilburg JA1-Rotterdam JA1. Foto: Renske van Vugt

‘Ik ben zelf coach van de meiden. Zij zijn wel de betere speelsters van het team, maar zouden na een overstap niet in het eerstelijnsteam komen. Ik denk niet dat ze erbij gebaat zijn als ze naar een andere club gaan om in de MC6 of MC7 te gaan spelen. Dat leidt tot teleurstelling en daar heeft geen enkele club iets aan. Is een speler een enorm talent dan zullen wij hem of haar met trots en met een grote strik afleveren bij een andere club.’

Rechtstreeks benaderen van spelers

Baarle stond niet alleen, ook spelers van Goirle en Hilvarenbeek werden rechtstreeks benaderd door andere clubs. Het werd tijd om aan te bel te trekken en het onderwerp op de agenda van het regio-overleg te zetten. ‘We zijn op onze strepen gaan staan’, zegt Stegeman, die daarmee met Baarle aan de basis lag van het toptalentenconvenant.

Naast Baarle, Goirle en Hilvarenbeek zetten ook de andere clubs uit het regio-overleg Midden-Brabant, Tilburg, Were Di, SHOT, HOCO, DES, Berkel-Enschot, Liberty en Udenhout, hun handtekening onder het akkoord dat moet leiden tot wederzijds vertrouwen en voorkomen van misstanden. De clubs delen sinds 2019 in het regio-overleg al kennis en ervaringen op technisch en organisatorisch vlak.

Wat is een toptalent?

Belangrijk bij het opstellen van de afspraken was het definiëren van toptalent. Want hoe bepaal je nu of een speler, in wie je interesse hebt, wel of geen talent is? Om eindeloze discussies te voorkomen kwamen de clubs tot de volgende omschrijving: een talent is iemand die bij de nieuwe club, die in een hogere klasse speelt, bij de beste zes spelers/speelsters van het betreffende eerste team behoort.

De wedstrijd tussen Deventer JB1 en Tilburg JB1. Foto: Paulien Menzel

Vervolgens wordt in het convenant beschreven hoe zo’n talent moet worden benaderd. Als een club denkt dat een bepaalde speler een meerwaarde is voor het eerstelijnsteam, dan melden ze dit bij de technische commissie van de betreffende club. Deze TC gaat in gesprek met de speler om te vragen hoe hij of zij tegenover een overstap staat. Met de begeleiding van de technische commissie en de mogelijkheid voor een terugkeer naar de oude club – indien het talent tijdens de proeftrainingen niet goed genoeg wordt bevonden – hopen de verenigingen het verloop in goede banen te leiden.

Talenten voor de regio behouden

‘We willen met respect met elkaar omgaan. Het was een soort landjepik. Nu zijn we open en transparant naar elkaar toe en willen we de talenten uit de regio ook in de regio houden’, zegt Marcel van de Rande, voorzitter van Tilburg en in 2019 initiatiefnemer van het regio-overleg.

‘In de voetbalwereld is het gebruikelijk om als clubs samen te werken. Toen ik in de hockeywereld kwam, viel mij op dat iedere club met oogkleppen op bestuurde. Als we ons allemaal om de eigen club bekommeren, dan blijven we concurrenten. We willen dat de sport groter wordt, dat kinderen kiezen voor hockey in plaats van voetbal’, zegt Van de Rande die een verleden heeft als commercieel manager bij voetbalclub Willem II.

Regelmatig om de tafel

De clubs uit de regio praten regelmatig met elkaar. Niet alleen over verschillende samenwerkingsmogelijkheden, maar staan de clubs elkaar ook bij met adviezen zoals bijvoorbeeld op het gebied van vrijwilligers en sponsorwerving. ‘Zo hoeft niet iedere club het wiel opnieuw uit te vinden. Er zijn tien andere clubs die met je mee willen denken’, zegt De Baar.

Meisjes B1 van HOCO tijdens een training. Foto: Orange Pictures/Ron van Dijk

Ook voor praktische zaken kunnen clubs bij elkaar aankloppen. Baarle beschikt pas vanaf maart over een eigen veld, maar sinds de oprichting maakt de club voor wedstrijden op zaterdagen gebruik van de velden van SHOT, dat op die dag veldcapaciteit over heeft. ‘Samen sta je sterk’, zegt Stegeman. ‘Zeker als kleine club kunnen we leren van de grote clubs, omdat wij nog een stuk ervaring missen.’

Elkaar versterken

Inmiddels heeft Gilze-Rijen zich als twaalfde club aangesloten bij het regio-overleg. ‘Ik heb niet het gevoel dat met twaalf clubs het maximum is bereikt’, zegt De Baar. ‘Door een goede agenda met onderwerpen op te stellen, blijft het behapbaar. Het gaat om zenden en ontvangen. De clubs moeten er allemaal wijzer van worden. We zijn allemaal gebaat bij sterke clubs en hebben elkaar nodig een sterke competitie te krijgen. Door het overleg zijn de lijntjes kort. Als er iets is, kunnen we direct contact met elkaar opnemen. Per saldo moet elke club er beter van worden.’


13 Reacties

  1. Hockeyer123

    Uiteindelijk zal een club hier maar ECHT van gaan profiteren. Slim gedaan door HC Tilburg!!

    1. observer

      Van belang is dat door zo'n convenant de verbetering van wat ik noem de hockeyinfrastructuur mogelijk is. Hier profiteert iedereen van, niet alleen een topclub in de regio. Talent stroomt op den duur zonder pushen toch wel door.

  2. Avdd

    Wat als de kinderen zelf naar een sterker team willen om daar als nummer 7 of hoger te spelen? Beetje kalimero gedrag dat van de kleinere clubs.

    1. lvabr

      Er zit een verschil tussen zelf kiezen of gevraagd worden. Clubs die stappen willen zetten kunnen dat vaak niet omdat talenten weglopen (Baarle bv uitgroeien tot een club met een of meerdere teams op iedere linie, were di op iedere lijn hoog spelen etc.) nu is het investeren met minimaal rendement. Voorkomen doe je het inderdaad nooit maar er is niks mis met het haalbaar maken van je eigen ambitie.

  3. rancoburgzorg

    Kind (en ouders!) willen meestal zelf hogerop als ze in de gaten krijgen dat ze bij de beteren zitten. Hoe wil je die gaan tegenhouden als ze naar een andere club vertrekken? Onzinnige convenant. Clubliefde bestaat niet, maak je geen illusies. Zodra een speler denkt dat hij of zij "hoger" kan is deze weg. Mits het logistiek een beetje te doen is.

    1. coach-devries

      Jammer dat dat in jouw omgeving (,of beleving) zo is. Ik ken een heleboel spelers die overlopen van clubliefde.. en daarom voor 'hun cluppie' blijven spelen ipv een (sportieve) stap te zetten naar een grotere club/hoger niveau/meer geld. En dit speelt op alle niveaus kan ik je vertellen. Maar als je inzoomt op de 'negatieve'geballen zul je dat niet (in)zien denk ik..

  4. john-van-loen

    Clubs kunnen zelf beter regels opstellen omtrent het aannemen van spelers uit een andere regio. (Of ander dorp!) Een speler die iets beter is dan zijn teamgenoten in de D of C hoeft dat in B of A niet meer te zijn. Objectiveer de beoordeling! Een talent kan in een zgn. ‘mindere’ omgeving ook hele belangrijke competenties verwerven. Vaak wisselen ze (te) jong van club en pakt het allemaal anders uit dan partijen verwachten. Ik zou daarom adviseren om tot de B leeftijd geen spelers toe te laten als ze niet in de buurt komen wonen (op de fiets naar de club!) Uitzonderingen daargelaten voor die ene Jorrit C.

  5. solo

    Dit is een goed idee, natuurlijk zullen ze nog tegen dingen aanlopen maar de intenties zijn er. Verbazingwekkend dat zo’n regio overleg pas een jaar bestaat. Hier kan de hele regio sterker van worden en niet alleen Tilburg. Nu is het zelfs zo dat de echte talenten niet altijd bij Tilburg komen maar zelfs bij clubs verder weg. Verder probeer je te voorkomen dat er geleurd wordt met kinderen die leuk kunnen hockeyen maar geen talenten zijn. Tevens kun je door goed onderling overleg elkaar sterker maken en profiteert er iedereen van. Dit kan op het gebied van talenten maar ook op het behoud van jongens, g-hockey, behoud van jong senioren etc. Alles om hockey te promoten. Persoonlijk ben ik bang dat Corona, het upcoming vrouwenvoetbal en huidige mentaliteit bij de jeugd de hockey leden gaat kosten.

  6. jobe

    And the winner is? Slimme zet. Goed gedaan.

  7. kasparstevens

    Wat een inspirerend verhaal. Zie ook mogelijkheden tot samenwerking op gebied van bijvoorbeeld: Administratie, inkoop kantine, CS+, keepertraining, hockeykampen, toernooien, planning T-dansant/feesten. Voor veel sponsoren lijkt me zo'n samenwerkende regio ook aantrekkelijk.

  8. nuchterrr

    Nu nog je A-jeugd behouden in Brabant een keer senior(itta) geworden pfff dweilen met de kraan open ....

  9. albert-monpelliergmail-com

    Ronselen? 🙄Noem het maar gewoon werven. Ronselen of ronselpraktijken klinkt zo negatief. Sommige clubs kunnen maar beter gaan fuseren, want het grappige van dit artikel is dat bijna elke grote speler van een kleine club komt! En wat maakt het uit als je verkast van de ene naar de andere club? Als je ambitie hebt en je jezelf beter wilt ontwikkelen dan ga je gewoon! Vrienden teams heb je nu eenmaal en zullen er altijd zijn en blijven, maar een echte vriend gunt je ook succes, ambitie en beterschap. Kweekvijvers heb je altijd. Of het nou voor een speler of trainer is. Het is hier en daar een beetje verzadigd! Hoog niveau halen wil zeggen, werken aan je Vreugde, Passie, Creativiteit, Zelfvertrouwen, Overtuiging en Functionaliteit! Ga lekker spelen en trainen bij een club waar er professionele trainers/coaches zijn, en trainen waar andere spelers jouw niveau naar een hoger plan kunnen tillen. Wat is daar mis mee? Het welzijn van jouw/een kind is niet de club. Al zouden zij dat willen. Want als puntje bij paaltje komt, laten ze je toch vallen als een baksteen. Ongelooflijk en walgelijk wat er staat, dat MC6 en MC7 een teleurstelling zou zijn. Zo’n team kan een springplank zijn die een speler alle kanten kan laten opgaan. Soms is het gewoon zo dat je eerst na je overstap niet gelijk in het eerste team komt! Misschien hanteert de club waar je naartoe gaat dit beleid. En praat niet over talent, maar praat over aanleg voor de sport die wordt beoefend.

  10. m-hockeygek

    Ik denk niet dat zo’n convenant echt gaat werken. Wie hogerop wil, die gaat uiteindelijk toch. Ook ambitieuze kinderen doen dat, gesteund door hun ouders. Dit hou je niet tegen. Waar je wel invloed op hebt als kleine club is hoe je die kinderen laat vertrekken. Vaak wordt er met scheve ogen naar gekeken en hangt er een negatieve sfeer omheen. Maar juist dat laatste moet voorkomen worden. Hou contact met die speler/speelster, respecteer iemands keuze, zorg dat de deur wagenwijd open blijft staan zodat deze altijd welkom is en terug kan komen.


Wat vind jij? Praat mee...