Wortelboer na hels dilemma: ‘Afgelopen weken waren bijzonder taai’

Floris Wortelboer stond de afgelopen twee weken misschien wel voor de moeilijkste keuze uit zijn leven. Na drie eerdere blessures aan zijn linkerschouder viel de 24-jarige verdediger begin maart in de eerste Pro League-wedstrijd tegen Duitsland (2-4) uit met een blessure aan zijn rechterschouder. De tijd richting het EK in eigen land en de Spelen in Tokio begint te dringen. Opnieuw stond Wortelboer voor een dilemma: opereren of optrainen? Hij koos voor het laatste: ‘Met de play-offs sta ik er weer.’

Terug naar het moment waar het opnieuw helemaal misging voor de verdediger van Bloemendaal. ‘Ik baalde echt ontzettend, want ik wist dat ik maar één van de twee wedstrijden zou meespelen tegen Duitsland. Ik had er ook echt zin in, voor mijn gevoel zat ik lekker in de wedstrijd.’

De verdediger van Bloemendaal strooide in het eerste kwart tegen Duitsland met passjes. Lukte het niet over de grond, dan probeerde Wortelboer het vanuit achterin met een scoop richting de snelle aanvallers van Oranje. En met succes, keer op keer kwam de bal in de voorste linie aan tegen de getergde Duitsers. De 56-voudig international was in die wedstrijd misschien wel één van de beteren aan de kant van Nederland.

Floris Wortelboer strooide werkelijk met passjes en scoopjes in de eerste helft tegen Duitsland. Foto: Willem Vernes

Halverwege het tweede kwart viel Wortelboer tijdens een duel om de bal met Constantin Staib op zijn rechterschouder. De verdediger strompelde direct onder begeleiding van teamarts Conny van Bentum de catacomben van het Wagener Stadion in. ‘Toen die schouder eruit lag, wist ik meteen hoe laat het was.’

Wéér een schouderblessure

Opnieuw hetzelfde riedeltje dus. Een MRI en een röntgenfoto om te kijken wat de schade was. Wortelboer werd door dezelfde artsen beoordeeld als de afgelopen drie keren. ‘Hartstikke fijn’, stelt hij, ‘zij geven goed advies en proberen mij op de beste manier te helpen.’

Floris Wortelboer verlaat tegen Duitsland geblesseerd het veld. Foto: Willem Vernes

Volgens Wortelboer is zijn blessure redelijk complex. In het kort komt het erop neer dat hij een scheur heeft in het labrum, een ringvormige rand van kraakbeen rondom zijn rechterschouder. Net zoals destijds een scheurtje in de kraakbeenrand van zijn linkerschouder zat. ‘Toen koos ik ervoor om het op te trainen’, blikt Wortelboer terug. ‘Dat is best lang goed gegaan, maar uiteindelijk ging het toch mis. Met het uitstellen van de Olympische Spelen was het de beste optie om mijn linkerschouder alsnog te laten opereren. Qua timing was dat ideaal. Ik kon me laten opereren en miste geen grote toernooien.’

Na de operatie houdt zijn linkerschouder het inmiddels goed. Daar heeft Wortelboer dan ook geen last meer van. ‘Dat maakt van deze blessure nu mentaal echt een flinke klap’, legt Wortelboer uit. ‘Ik weet ook, er zijn ergere dingen in het leven, maar ik had verwacht dat ik vooruit kon kijken met fitte schouders.’

De play-offs met Bloemendaal en die hele zomer met Oranje spookten natuurlijk meteen door mijn hoofd. Floris Wortelboer

Wat is dat toch met die schouders van Wortelboer? ‘Die vraag heb ik mijzelf ook gesteld, al is het nu mijn rechterschouder in plaats van de linker. Als hockeyer gebruik ik vooral mijn linkerarm met gestrekte bewegingen in duels en tackles. Mijn rechterarm zit toch redelijk gecontroleerd aan mijn stick, behalve bij een val natuurlijk.’

De verdediger trekt de oorzaak ‘hypermobiliteit’ die zijn artsen aan zijn labrumscheur geven dan ook in twijfel. ‘Het is natuurlijk makkelijk om te zeggen dat ik hypermobiel ben nadat ik vier keer dezelfde schouderblessure heb gehad. Misschien heb ik er iets meer aanleg voor dan een ander en is dat nou eenmaal zo. Ik zie het meer als domme pech.’

Steunbetuigingen

Wortelboer werd de afgelopen weken overspoeld met steunbetuigingen. ‘Dat doet je wel heel erg goed, maar daar koop ik niet heel veel voor. Liever heb ik al die steunbetuigingen niet. Ik wil gewoon fit blijven.’

Floris Wortelboer was afgelopen zondag aandachtig toeschouwer bij de topper tussen HGC en Bloemendaal. Foto: Koen Suyk

De Brabander benadrukt dat hij alle reacties superlief vindt, maar geeft ook aan dat hij hierdoor meer begon te twijfelen over een eventuele operatie. ‘Ik praat er met mijn ouders en vriendin veel over. Ook met mijn huis- en teamgenoten. Iedereen wil heel graag helpen, maar mijn teamgenoten hebben een hele andere kijk op deze blessure dan bijvoorbeeld artsen. Daardoor hoorde ik constant andere dingen en twijfelde ik aan mijn keuze. Dat maakte de afgelopen twee weken enorm taai.’

Wortelboer wist ook, als hij voor een operatie koos, kon hij het EK en de Spelen hoogstwaarschijnlijk op zijn buik schrijven. Als deze toernooien volgend jaar op de kalender hadden gestaan, had hij eerder voor een operatie gekozen, zo vertelt hij eerlijk. ‘Dan is de keuze natuurlijk makkelijker. De play-offs met Bloemendaal en die hele zomer met Oranje spookten natuurlijk meteen door mijn hoofd. Daarom koos ik ervoor om fit te zijn voor de play-offs. Vanaf dan kijk ik wel weer verder hoe of wat.’

Olympische droom blijft in leven

Nu hij de knoop heeft doorgehakt, heeft Wortelboer het gevoel dat hij weer verder kan. ‘Ik moet nu alles aangrijpen wat ook maar één procent winst kan opleveren om de toernooien te halen’, klinkt hij strijdbaar. Ergens begrijpt de verdediger de vraag ook wel of het voor Max Caldas niet een enorm risico is om hem mee te nemen naar Tokio – in de wetenschap dat de bondscoach slechts zestien spelers plus twee reserves mag selecteren. ‘Los van het feit dat ik mezelf natuurlijk een aantal streepjes voor geef, durf ik het wel aan’, reageert hij gevat.

Ik moet nu alles aangrijpen wat ook maar één procent winst kan opleveren om toernooien te halen. Floris Wortelboer

Hij wijst naar de play-offs. ‘Als ik dan laat zien dat ik fit ben en die lijn daarna doortrek, voeg ik iets aan het team toe wat niet iedereen heeft.’ Wortelboer heeft het over zijn oplossend vermogen achterin: ‘Niet zozeer met trucjes, maar met mijn goede inzicht naar voren. Ik kan mensen in stelling brengen, ik durf te hockeyen. Dat deed ik ook in die bewuste eerste helft tegen Duitsland.’

Uiteindelijk is de keuze aan bondscoach Caldas, zo stelt hij. ‘Het enige dat ik kan doen, is laten zien dat ik tegen die tijd weer fit ben en van waarde ben voor het team. Of hij mij dan meeneemt naar Tokio is echt aan hem. Ik zorg er in ieder geval voor dat ik er alles aan heb gedaan om daar te staan.’


7 Reacties

  1. gijssegers

    Floris is voor mij de slok op de borrel, van het Ned.team! Als persoon en als speler! Hopelijk gaat hij het halen en kan hij gaan genieten van het spelletje!

  2. PeterMontijn

    Eens. Daarvoor kom je naar het hockeystadion. Robuuste verdediger met een geweldige scoop. En een hele leuke gozer

  3. Runa Honig

    Ook Sander de Wijn is niet okselfris, dus als Floris meegaat naar Tokio heb je 2 risicogevallen in de verdediging. De vraag is of je dat risico moet nemen in zo’n kleine selectie van 16 man. Lastig, temeer omdat je het beide hardwerkende mannen zo gunt.

    1. luchtisblauwgrasisgroen

      Misschien ook omdat de andere verdedigers niet kunnen brengen wat Wortelboer en De Wijn wel kunnen?

    2. trijntjel

      Ik vind Sander de Wijn momenteel zeer okselfris. 🤔

  4. rustaaagh

    En naast die 16 zijn er 2 reservespelers die buiten het dorp verblijven.

  5. arnoldS

    Ik schreef het eerder al; deze jongen kan niet naar de spelen met deze schouder.. iedereen weet dat als de arm eenmaal geluxeerd is, de volgende nabij is.. kan je optrainen wat je wil. Maar gedoemd om fout te gaan. Hockey is een sport waar het schouder gewricht tot extremis gebruikt wordt.


Wat vind jij? Praat mee...