‘Eeuwige vijfde’ Pinoké droomt hardop: ‘Willen kampioen worden’

Vijfde, vijfde en…vijfde. De laatste drie (afgemaakte) seizoenen waren de vrouwen van Pinoké standaard best of the rest. Met – naar eigen zeggen – een minder sterke groep doen ze weer een gooi naar de top-vier. Maar de ambities reiken verder bij de Steekneuzen, die vanavond hun inhaalwedstrijd spelen tegen Tilburg.

Het gesprek met Daan Sabel is zo’n tien minuten bezig, als de coach van Pinoké een blik richting de toekomst werpt. ‘Eigenlijk vind ik dat je verder moet dromen. Want je wil uiteindelijk niet de play-offs halen, je wil landskampioen worden. Dáár droom je van. De play-offs zouden een tussenstap zijn. We denken nu met de club over de stap daarna. Hoe kunnen we dat doen? Hoe kunnen we tussen vijf en acht jaar daar staan? Want dat is écht wat we willen.’

De ambitieuze woorden vallen na de dertiende wedstrijd van het seizoen, de 5-3 zege op Rotterdam. In een jaar waarin het zomaar weer zou kunnen gebeuren voor Pinoké, momenteel de nummer zes van de ranglijst. Het gat met nummer vier Hurley – waar vorige week met 2-1 van werd verloren – is maar twee punten. ‘We draaien een wisselvallig jaar’, stelt Sabel, wiens team evenveel wedstrijden won als verloor. ‘En dat heeft meerdere redenen. We hebben een bizarre blessuregolf gehad. Vijf speelsters hebben amper gespeeld in de eerste seizoenshelft. Telkens moesten we weer aanpassen. Een nieuwe aangever en uitloop, weer andere posities. Zo kan je routines en ritmes snel weer de prullenbak ingooien.’

Pinoké-coach Daan Sabel. Foto: Willem Vernes

Van degradant tot bestormer van de top-vier

‘Daarnaast hebben we veel ervaring verloren. Er zijn jonge speelsters gekomen en dat zorgt ervoor dat we tijd nodig hebben om weer een machine te worden. We zijn op papier minder goed dan vorig jaar. Maar toch willen we voor de play-offs gaan, ook met deze groep. Al had het vorig seizoen echt moeten gebeuren. Dat we daar niet in geslaagd zijn, doet bij mij nog steeds pijn.’ Met een zucht: ‘We proberen ervan te leren.’

Frances Westenberg maakte ook die aflevering van de bijzondere rit van Pinoké mee. De 25-jarige verdediger, die de jeugdopleiding doorliep bij de buren van Amsterdam, speelt al acht jaar in het donkerblauw. ‘Ik heb hier al van alles meegemaakt. Onze degradatie in 2017 en het jaar daarop gelijk de promotie. Daarna steeds iets verder richting de top-vier. Ik vind het al briljant dat we met veel meiden uit deze ploeg dat allemaal hebben beleefd. En ja, het wordt zeker tijd dat we de play-offs een keer halen.’

Na al die vijfde plaatsen, wil ze eindelijk een keer die mijlpaal aantikken. ‘Voor die tijd stop ik hier niet. Maar we willen er ook niet al te veel druk op leggen. We hebben weinig ervaring. Dat weten we. Het seizoen is dan ook niet mislukt als we ‘het’ niet halen. Dan gaan we volgend jaar gewoon door. We hebben een ploeg zonder gigantische ego’s, maar speelsters die voor elkaar willen knokken. Nog meer dan vorig jaar, toen vielen we na een tegengoal soms uit elkaar.’

Pinoké-boegbeeld Frances Westenberg. Foto: Willem Vernes

‘Niet van plan om iemand te bellen’

Is Westenberg dan niet jaloers op bijvoorbeeld HGC of Bloemendaal, die internationale sterren als Margot van Geffen, Sonja Zimmermann en Majo Granatto aantrokken? ‘Nou, niet per se.’ Extra kwaliteit is natuurlijk nooit ‘erg’, klinkt het met gevoel voor understatement. ‘Maar… nieuwe speelsters zouden wel in de teamcultuur moeten passen. Ik ken hen persoonlijk niet. Ik zou nu niet iemand uit het team willen plaatsen, om voor hen ruimte te maken.’

Met trots: ‘Wij doen het met een groep die hopelijk nog veel jaren bij elkaar blijft en daardoor ook stabieler is. Als een paar jaar terug de competitie niet was stilgelegd door corona, was HGC gedegradeerd. Nu trekken een paar spelers het niveau daar omhoog. Maar de vraag is hoe lang zij blijven. Wij doen het nu anders, met grote talenten die komen en eigen jeugd.’ 

Het kortetermijndoel is dus duidelijk, maar niet heilig. Sabel: ‘Het verschil in punten tussen de nummer vier en de rest is altijd enorm. De ploeg die vierde wordt gaat ook dit jaar geen kampioen worden. En ook niet de finale halen. Dat durf ik wel te zeggen. We willen meer, zoals ook bij ons Heren 1 gebeurde.  Natuurlijk willen zij landskampioen worden, nadat ze vorig jaar de finale bereikten. Zij pakten in dat jaar de zaaltitel. Wij dit jaar. We weten nu al dat al onze 23 speelsters willen blijven. Niemand stopt, niemand gaat weg. En ik ben niet van plan om iemand te bellen. Ik heb er alle vertrouwen in dat we ook kunnen groeien met deze groep. Een team dat past binnen het salarishuis en waar op eentje na iedereen op de fiets komt.’

Maxime Kerstholt, een van de weinige routiniers bij Pinoké met Imke Verstraeten, de van Dragons overgekomen jeugdinternational. Foto: Willem Vernes

Halen of opleiden?

Ondertussen wordt achter de schermen de beleidsmatige puzzel gelegd. ‘Het wordt nu tijd om de koers verder te bepalen. Willen we – om een stap te maken – toch spelers van buitenaf halen? Zoals bij de mannen goed lukte met Alexander Hendrickx, bijvoorbeeld. Willen we in de jeugd eerder grote talenten zoeken en hen in de opleiding van Pinoké laten ontwikkelen? Kan ook. Op de manier zoals het bij de vrouwen Den Bosch ging, in de jaren negentig. Stap voor stap richting de top. En als het daar kan, waarom dan niet hier in Amsterdam?’

Eerst de tweede helft van de competitie. De komende twee maanden wordt duidelijk of Pinoké zijn abonnement op de middenmoot verlengt, nog angstig naar onderen moet kijken – het gat met plek tien is ook maar vier punten – of toch geschiedenis schrijft. Westenberg heeft haar vakantie nog niet geboekt, geeft ze lachend toe.

‘Zeker niet. Bewust niet. Eerst kijken of we in mei een extra weekje aan dit seizoen vast kunnen plakken.’


Wat vind jij? Praat mee...