HDM raakt twee talenten kwijt: ‘Waren hier echt nog niet uitgeleerd’

Amsterdam trok in anderhalve week twee toptalenten weg bij HDM. Tieners Yara Akkerman (16) en Roos Alkemade (18) spelen komend seizoen in het Wagener Stadion. HDM-coach Diederik van Weel baalt ervan. ‘Je wil je toptalenten langer dan anderhalf jaar behouden.’

‘Vroeger gold er in de Hoofdklasse een herenakkoord: dat je een club informeerde als je een speler wilde benaderen. Dat bestaat niet meer. Waarom niet? Omdat sommigen zich er toch niet aan hielden. Dat vind ik een slechte reden. Dan kunnen we ook net zo goed stoppen met de maximale snelheden op de snelweg.’

Hij zegt het met een knipoog, maar de boodschap is serieus. Van Weel had het graag anders gezien en geef hem eens ongelijk. Yara Akkerman was een jaar of zes toen ze bij HDM voor het eerst het veld op liep. Meer eigen kweek kun je het niet hebben. Roos Alkemade begon weliswaar bij Noordwijk, maar rijgt sinds de O16 de jeugdtitels in Den Haag aan elkaar.

Samen bouwen naar de toekomst

‘Dit is gewoon niet leuk, vooral niet voor de club’, vertelt hij. ‘We geven ze alle ruimte en je hoopt samen iets te kunnen opbouwen. Je wilt ergens komen met elkaar en doet er alles aan om je toptalenten te behouden, minstens anderhalf jaar langer.’ De coach verwijst naar de teamtrip van afgelopen winter, toen de complete selectie uitsprak samen te willen bouwen – zo’n drie jaar – om een stap omhoog te maken. ‘Dat dit een paar weken later gebeurt, is balen. Maar ik ben niet naïef, ik weet dat dit erbij hoort. Misschien had ik ergens goede hoop, maar blijkbaar kunnen we niet genoeg bieden.’

Yara Akkerman. Foto: Joris Verwijst

HDM staat bekend als kweekvijver voor talentvolle jeugd. In vrijwel elke NK-finale staat wel een Haagse selectie. Speel je in de jeugd bij HDM, dan lijkt winnen vanzelfsprekend. In de Hoofdklasse is dat anders: van praktisch alles winnen is geen sprake meer. Van Weel is kritisch. ‘Het blijkt blijkbaar niet interessant genoeg om bij ons te blijven. Het gaat niet alleen om geld, maar ook om de allure. Blijkbaar moet je internationals hebben voor het aanzien.’

‘We willen talenten uit de jeugd vooral de vrijheid bieden’, gaat hij verder over zijn aanpak. ‘Niet volstoppen met taken en opdrachten. Maar genieten, speelruimte geven en fouten laten maken. Misschien moeten we vanaf het eerste moment een plan uitrollen. Een toekomstvisie geven. Wellicht dat ze dat helpt?’ Dan is er altijd nog het geld. Wat zijn twee talenten bij Amsterdam gaan krijgen, weet hij niet. Maar het zal volgens hem minimaal hetzelfde zijn als het loonstrookje in Den Haag. ‘Willen we ze hier behouden, moeten we dat salaris niet alleen evenaren, maar er is ook een stapje bovenop nodig’, is zijn conclusie. Want in Den Haag strijd je voorlopig niet om de play-offs en speel je nou eenmaal niet met de besten van de wereld. ‘Toch vind ik dat geld de reden niet mag zijn. Als je ergens tweeduizend euro extra krijgt per jaar, ga dan maar.’

Jip Dicke was er klaar voor

Natuurlijk moedigt hij sommige stappen en keuzes aan, zoals die van Jip Dicke naar SCHC. De toen 21-jarige spits was een opvallende verschijning bij HDM en stak regelmatig met kop en schouders boven de groep uit. ‘Binnen een half jaar in Bilthoven ontving ze een uitnodiging van Oranje. Ik denk niet dat ze in die paar maanden nog zoveel stappen heeft gezet bij Stichtsche, maar het loont wel. Bij HDM was ze dominant aanwezig. Soms ben je ergens uitgeleerd en dan moedig ik elke stap en keuze aan.’

Roos Alkemade in duel met Tilburg-speelster Lieke van Otten. Foto: Willem Vernes

Zoals vorige zomer, toen Imme van Es besloot naar Kampong te vertrekken. ‘Dat was voor ons een aderlating: een ervaren kracht die we moesten missen. Maar het was een kans die ze niet kon laten schieten. Ze was toen 25, een soort nu-of-nooit-moment. We hebben er goed over gesproken en ik begreep haar volledig.’

Jip Dicke en Imme van Es waren beiden toe aan een volgende stap in hun hockeycarrière. Dat geldt volgens Van Weel niet voor Akkerman en Alkemade. ‘Begrijp me niet verkeerd: ik weet dat ze allebei extreem veel potentie hebben. Maar bij ons zijn ze echt nog niet uitgeleerd. Ze moeten nog wennen aan het seniorenhockey. Het zegt niet alles dat je er in de jeugd bovenuit stak. Ze hebben allebei de ambitie en potentie en ik hoop echt dat het eruit komt. Maar naar mijn mening hadden ze hier zeker nog één of twee jaar kunnen blijven.’

‘Je moet ook sterk in je schoenen staan als Amsterdam bij je aanklopt’, gaat de coach verder. ‘Zeg dan maar eens nee, zeker als je jong bent en dromen hebt. Misschien komen ze volgend jaar of het jaar erna niet meer – dat wil je niet meemaken. Maar ik denk dat ze dan juist wél komen. Dan ben je weer een paar stappen verder. Maar ik begrijp de aantrekkingskracht.’

Coach Diederik van Weel spreekt zijn team toe. Foto: Willem Vernes

De overstap van Akkerman werd hem medegedeeld toen het papierwerk al rond was. Hij baalt dat hij, de club, of de spelers niet betrokken zijn in de keuze. Met Alkemade heeft hij wel gesproken. ‘Zij gaat in Amsterdam studeren en wonen. Dat maakt de situatie wat begrijpelijker. Bij Yara had ik het echt niet aan zien komen. Noem me naïef, maar ik had nooit verwacht dat ze zo’n keuze zouden maken, vooral richting haar eindexamenjaar van VWO. Ik las ergens in een interview dat haar school met haar mee wilde denken en daar ben ik blij om.’

Wat is de oplossing? Een opleidingsvergoeding?

Over de oorzaak en mogelijke oplossingen heeft Van Weel nagedacht. ‘Vergelijk het met de mannen: daar heb je er minder last van. Zij hockeyen gemiddeld langer door en er kunnen er een stuk of zeven kampioen worden. Dan hebben zeven clubs aantrekkingskracht. En als ze tot een oudere leeftijd doorgaan, voelen ze minder snel de urgentie om weg te gaan.’ Zijn werkgever bracht het idee van een opleidingsvergoeding ter sprake. ‘Ik weet dat het bestuur er een mening over heeft en nadenkt over het onderwerp. Maar gaan we de voetbalwereld achterna? Willen we dat echt, transfersommen betalen? Ik hoop dat het niet nodig is, dat het weer wat gezonder wordt. Dat je alleen vertrekt als je ergens echt uitgeleerd bent.’

Voelt hij wrok richting Amsterdam? Dat niet. ‘Ik had het gewaardeerd als ze ergens iets hadden laten weten. Dat heeft ons bestuur ook aan ze teruggekoppeld. Maar iedereen gaat voor zichzelf, zo werkt de maatschappij.’ Op 29 maart speelt HDM in het Wagener Stadion. Een snelle eerste confrontatie na de transferperikelen. ‘Ik verwacht dat Yara en Roos hun stinkende best gaan doen. Dat kunnen ze ook: ik weet dat ze de boel goed willen achterlaten. Laat het maar zien. Nu dit nieuws naar buiten is, mogen ze er vanuit zichzelf wat extra op gooien. Nog een paar maanden je uiterste best doen voor je club. Ik weet dat ze het kunnen.’

Roos Alkemade en Yara Akkerman vieren een doelpunt op het EK U18 in Lille. Foto: WorldSportPics


2 Reacties

  1. bartherklots

    Het zegt ook wat van de spelers zelf. En het bij de ene club goed doen, wil nog niet zeggen dat het bij een andere club ook zo goed zal gaan. Alleen de hele grote zullen slagen. .

  2. JacquesBrinkman

    Ja, dat willen we echt! Opleidingsvergoedingen, dan moeten de (top)clubs in ieder geval nog een beetje nadenken welke spelers ze aantrekken ipv pakken wat je pakken kan. En ja, ook transfers /transfersommen zou de sport goed doen. Tenminste als we als sport ook over 20 jaar nog voor vol aangezien willen worden. Mbt media aandacht al ruimschoots ingehaald door sporten als basketbal, handbal. Dus hoogste tijd voor echte actie, ook op dit vlak. In plaats van jarenlang aanmodderen en ogen sluiten, waar we nu de consequenties van zien bij de jongste jeugd en met name de jongetjes. Uitstroom en veel te weinig instroom. Oplossing voor deze uitdaging is simpel: scholen bezoeken, dag in, dag uit, om onze prachtige sport te promoten. Olympische titels alleen is niet voldoende.


Wat vind jij? Praat mee...