Daan Jongejan, van hockeyende Kiwi’s terug op Voordaan

Daan Jongejan had de afgelopen tweeënhalf jaar de tijd van zijn leven in Nieuw-Zeeland. Hij verrichte tussen de Kiwi’s zegenrijk werk voor de hockeysport, maar het werd tijd terug te keren. Naar zijn vriendin, met wie hij overwegend via Skype communiceerde, naar zijn familie en vrienden en uiteraard naar Voordaan waar hij vlot weer aansloot bij de selectie van Heren 1. Home sweet home!

‘Ik had de mogelijkheid mijn verblijf daar te verlengen. Qua werkvergunning was het geen probleem, omdat mijn moeder Nieuw-Zeelandse is en ik had ook de kans om in een andere tak van sport verder te gaan. Ik ben goed bekend met zeg maar de Maurits Hendriks (de technisch directeur van NOC*NSF, red.) van Nieuw-Zeeland, dus dat bood best interessante kansen. In het basketbal en tennis bijvoorbeeld. Echter, mijn vriendin en ik hebben niet voor elkaar gekozen om een langeafstandsrelatie met elkaar aan te gaan. Zij studeert hier in Nederland. Het was daardoor geen optie dat zij voor langere tijd overkwam naar Nieuw-Zeeland.’

Daan Jongejan en vriendin in Nieuw-Zeeland. Foto: Daan Jongejan

‘Clubhockey gemist’
Amper een week na zijn thuiskomst stond Jongejan alweer op het veld in Groenekan en afgelopen zondag maakte hij uit op Nijmegen zijn rentree in het team van trainer-coach Peter Jonker. In de selectie van nu treft hij in ieder geval een paar oude bekenden: Adriaan Stolk, Luke Chadwick, Joachim Löwenthal, Wouter Stijl, Bob Rijksen en doelman Sietse van Leiden.

‘In april nam ik al contact met Peter op. Ik ken hem goed van onze gezamenlijke periode bij hockeyclub Amersfoort. Zelf gaf ik aan weer terug te keren met daarbij de vraag of er een plekje voor mij vrij zou zijn op de spelerslijst voor volgend seizoen. Dat was het geval. Ik heb het best gemist, het clubhockey zoals wij dat in ons land beleven. In Nieuw-Zeeland speelde ik ook, bij de Hutt Hockey Club in Wellington. Qua niveau kan je het vergelijken met onderkant Overgangsklasse. Toch merk ik nu, dat ik qua fitness nog een paar slagen moet maken. Op zich kon ik tegen Nijmegen goed meekomen. Ik draaide ook volledig mee in het wisselschema. Ik denk dat ik een paar weken nodig heb om de juiste wedstrijdconditie te pakken.’

Daan Jongejan in actie voor zijn Nieuw-Zeelandse club Hutt Hockey Club in Wellington.

Hockey naar hoger plan
Dat Jongejan aan de andere kant van de wereld terecht kwam, had voor een belangrijk deel te maken met het netwerk van zijn vader Pieter, die eind jaren zeventig, begin jaren tachtig bondscoach was van de Nieuw-Zeelandse hockeyers. ‘Via mijn vader kwam de vraag of er iemand uit Nederland kon komen om het hockey naar een hoger plan te tillen. Veel mensen die hij van vroeger kent, hebben tegenwoordig bestuursfuncties in de sport. Zo is het balletje gaan rollen voor mij. Ik ben er naartoe gegaan en ben heel basaal begonnen met het geven van hockeylessen op scholen om zo ledenparticipatie te vergroten.

Jongejan gaat verder: ‘Eind 2017 kreeg ik een contract aangeboden als prestatiecoach, wat betekent dat alle districtsteams onder mij vielen. Ik trainde deze teams en coachte er een aantal. Heel praktisch dus. Begin dit jaar werd ik aangesteld als capital development manager, waarbij het meer ging over budgetten, de organisatie van hockeykampen, de aansturing van coaches en het neerzetten van een talentontwikkelingsraamwerk voor districtsspelers tot negentien jaar. Ik kon er al mijn kennis en kunde in kwijt. Ik ben namelijk begonnen op het CIOS waar je pedagogisch en didactisch bezig bent en daarna heb ik sportmanagement gestudeerd aan de Hogeschool van Amsterdam. Dat is dus meer de beleidsmatige en organisatorische kant van het verhaal. Ik heb er ook buiten het hockey om een prachtige periode gekend in Wellington. De mensen leven er vrijer en toegankelijker dan in ons land en ze zijn met alles zeer behulpzaam. Wat dat betreft was er geen aanleiding terug te komen. Het voelde voor mij als thuiskomen.’

Het zou op zich voor de hand liggen dat Jongejan, eenmaal teruggekeerd in Nederland, in de markt is voor een soortgelijke functie. ‘Ik moet inderdaad gaan solliciteren, maar het liefst neem ik beroepshalve nu even wat afstand van het hockey. Mijn voorkeur gaat uit naar een baan in de sportmarketing, het projectmanagement of de HR-sector. Ik heb al enige gesprekken gevoerd. Ik ben er positief over.’

Daan Jongejan in zijn eerste periode bij Voordaan. Foto: Koen Suyk

Volle bak
Als het om zijn eigen hockeyloopbaan gaat, wil Jongejan graag nog een aantal seizoenen volle bak bij Voordaan. ‘Ik ben nu 29 jaar en heb geen ambitie meer om honderd procent voor het allerhoogste te gaan. Ik speel nu voor het dertiende jaar ergens in Heren 1, met Voordaan heb ik in de Hoofdklasse gespeeld en ik denk dat ik nog altijd van meerwaarde kan zijn voor het team. Niet alleen in mijn positie als aanvallende middenvelder, maar ook als spits. Ik ben iemand die graag dominant op het veld aanwezig is, maar van daaruit kan je heel goed jonge spelers beter maken. Ik doe dat echter niet meer om mijzelf te profileren, maar ik denk dat ik spelers die graag op weg willen naar de Hoofdklasse daarbij kan helpen.’

Comeback in eigen huis
Zondagmiddag maakt Jongejan zijn comeback aan de eigen Lindenlaan in Groenekan, waar streekgenoot Laren op bezoek komt. ‘Of het een echte derby is? Mwah, dat vind ik niet. Er is geen sprake van rivaliteit of burenruzie tussen beide clubs, maar het kan wel een leuke wedstrijd worden. Ik heb een paar seizoenen gemist, dus ik ken de kracht van onze tegenstander niet. Bij Laren is ook best één en ander veranderd de laatste seizoenen. Zelf moeten we denk ik nog wat consistenter worden en dodelijker in de cirkel. Verdedigend en op het middenveld staat het aardig goed en we hebben een paar creatieve aanvallers, maar het rendement moet omhoog. Zondag verloren we met 6-2, maar dat gaf een vertekend beeld. Tot aan de 4-2 deden we goed mee, vond ik. Al met al was Nijmegen gewoon beter dan wij, maar we kregen ze te eenvoudig tegen. Daar moeten we aan werken. Wanneer we daarin slagen, kan het een heel leuk seizoen voor ons worden.’


Wat vind jij? Praat mee...