Sporteconoom: ‘Clubs gaan kiezen voor meer vrijwilligers als trainer’

De term anderhalvemetersamenleving is al aardig ingeburgerd in de Nederlandse samenleving. Maar, hoe past een sport als hockey in een maatschappij, waar iedereen anderhalve meter afstand moet respecteren? Het wordt volgens beweeg- en sporteconoom Jelle Schoemaker van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAL) de grootste uitdaging voor de hockeysport. ‘Het is de olifant in de kamer, want hoe ga je hockeyen op anderhalve meter afstand?’

Ondanks de aangekondigde versoepeling van de coronamaatregelen door premier Mark Rutte vorige week dinsdag waardoor de jeugd tot en met twaalf jaar in groepsverband mag trainen, moeten de oudere kinderen van dertien tot en met achttien jaar sporten met de anderhalve meter afstand ertussen. Voor volwassenen is het nog helemaal niet toegestaan om in teamverband te sporten.

Uitdaging

Als beweeg- en sporteconoom volgt Schoemaker de ontwikkeling rondom het coronavirus en sportclubs op de voet. Hij maakt zich zorgen, wordt duidelijk uit zijn verhaal. ‘Ik houd mijn hart vast voor de teamsporten. Het zou ook zomaar een paar jaar kunnen duren voordat we weer terug kunnen keren naar de oude situatie.’

Daarmee heeft de hockeysport een ‘een uitdaging’, zegt Schoemaker. De KNHB maakte vorige week het sport- en hockeyprotocol bekend en gaf de eerste tips en formats voor trainingen. ‘Clubs en trainers moeten de vraag beantwoorden: kunnen wij trainingen verzorgen waarbij de anderhalve meter afstand wordt gegarandeerd?’, zegt Schoemaker. ‘Hoe organiseer je dat? De regels zijn heilig, maar misschien moet je het spel wel aanpassen op die maatregel van anderhalve meter. Een soort coronahockey, zoals je ook de varianten als fithockey en walkinghockey hebt.’

Billy Bakker (r) in duel met Lars Balk (l) tijdens Kampong-Amsterdam (4-3). Foto: Koen Suyk

Behalve de sportieve uitdaging hebben clubs ook financieel een stevige kluif in deze moeilijke periode. Schoemaker verwacht dat de hockeyclubs ‘zwaar worden getroffen’. ‘In het algemeen hadden de meeste clubs hun financiën goed op orde. Dat wil zeggen: de clubs draaiden net quitte of boekten een kleine winst. Sommige hebben hierdoor een buffertje, maar over de hele linie zullen er harde klappen vallen. In hoeverre ze die kunnen opvangen, hangt ook af van de regelingen van de overheid (NOW en TOGS-regelingen, red.), waarvan de clubs gebruik kunnen maken.’

Veel hockeyclubs wijzen met name op het mislopen van barinkomsten, doordat er niet kan worden gehockeyd. Volgens Schoemaker is dat probleem in andere takken van sport groter. ‘Clubs krijgen zeker klappen door het missen van barinkomsten, maar hockeyclubs zijn toch minder afhankelijk van de baropbrengst dan bijvoorbeeld voetbalclubs, die er voor een derde of soms de helft afhankelijk van zijn. Dat percentage ligt bij hockeyclubs over het algemeen lager.’

Bezuinigingen

Omdat er vanwege de coronacrisis sinds half maart niet is getraind en gespeeld, besloot Tilburg als een van de eerste clubs de betalingen aan staf en trainers op te schorten. Schoemaker verwacht dat meer verenigingen met hun betaalde krachten in gesprek gaan. ‘Ik denk niet dat de clubs de mensen snel in de kou laten staan, maar er wordt gevraagd hoe een ieder zijn steentje kan bijdragen. Ik kan me voorstellen dat op de langere termijn clubs de voorkeur gaan geven aan vrijwillige trainers.’

Clubs gaan op de langere termijn de voorkeur geven aan vrijwillige trainers.' Jelle Schoemaker

Contributie is de grootste inkomstenbron voor hockeyclubs. Volgens Schoemaker is de cruciale vraag: hoe zorg je ervoor dat de leden blijven? ‘Er zijn gezinnen die hard worden getroffen door de crisis. Zij zullen hier kritisch naar gaan kijken. Is een club bereid een regeling te treffen met die mensen die het financieel moeilijk hebben?’

Clubhuis van Pinoké tijdens de eerste competitiewedstrijd van het nieuwe seizoen tussen de heren van Pinoké en Bloemendaal (0-4). Foto: Koen Suyk

Ook kansen in de sponsoring

Een ander vraagstuk is de sponsoring. Steeds meer bedrijven en ondernemers hebben door de coronamaatregelen moeite het hoofd boven water te houden. ‘Die zullen in het geval dat ze geen langdurig contract met de club hebben afgesloten wellicht voor komend seizoen een andere afweging maken hoe zij hun geld gaan investeren’, verwacht Schoemaker. ‘Aan de andere kant kan een club zich ook coulant opstellen bij sponsors waarmee een lang contract is afgesloten. Op die manier kunnen ze investeren in een langdurige relatie.’

Schoemaker heeft tot slot nog een tip voor clubs: ‘Er zijn natuurlijk bedrijven die het op dit moment wel goed doen. Die hebben misschien interesse in de lokale club met een grote achterban. Er liggen altijd kansen.’


11 Reacties

  1. asjemenou

    Ik denk juist dat meer hockey kinderen/ouders bewuster en sneller gaan kiezen voor andere teamsporten waar de 1.5 meter al natuurlijker is: tennis, zwemmen, gymnastiek, golf. Deze sporten staan (met sportvissen erbij) ook qua ledenaantal boven hockey. Een gezonde reflectie en concurrentie zal zeker bewegingen geven. Het is zaak aan hockey om zowel de prestatie als beleving snel en goed door te pakken. Een mooie maar moeilijke uitdaging.

  2. jvolcano

    Sporten waar lichamelijk contact gemaakt wordt zullen zich moeten gaan oriënteren op ander regels en trainingsmethodes. De vraag is hoe lang zo'n process gaat duren, wat voor criteria daaraan gekoppeld worden, en door wie. De KNHB stuurde vorige week een protocol rond met wat tips, maar dat lijkt me niet voldoende. Hebben we straks nog wel strafcorners? Hoe gaan we in de cirkel verdedigen? Zijn de dug outs nog wel groot genoeg? We gaan een nieuwe werkelijkheid in waar we helemaal niet klaar voor zijn. Dit zou nog wel eens heel lang kunnen gaan duren...

  3. hockeyster

    Ik denk dat het uiteindelijk wel mee zal vallen. Kan geen tijdspanne geven, maar uiteindelijk wordt alles weer normaal. Sinds de Spaanse Griep van 100 jaar geleden, is het leven ook weer normaal geworden. Daarnaast gaan in sommige landen de voetbalcompetities weer beginnen en dan zitten spelers ook op minder dan 1,5 meter van elkaar. Zou ook vreemd zijn als ze dat wel in de dugout doen en niet op het veld🤔

    1. popov0702

      Juist en daarnaast zal dit maatschappelijk niet geaccepteerd worden. Je gaat niet jarenlang de maatschappij on hold zetten voor een paar duizend extra doden. Er is dan overigens ook geen geld voor onderhoud en kunnen ouders de contributie niet betalen

  4. hemmiekemmie

    Ik begrijp eigenlijk niet zo goed dat we deze maatregelen allemaal maar zonder slag of stoot accepteren alsof het normaal gaat worden om in een 1,5 meter samenleving te sporten. En dat we gaan nadenken over hoe we de regels etc. moeten gaan aanpassen. Het gaat hier om een noodmaatregel en dat kan naar mijn mening nooit het “nieuwe normaal” worden. In tijden van crisis kan ik daar tijdelijk mee leven, maar indien het gevaar is geweken moeten we proberen zo snel mogelijk terug kunnen keren naar de normale omstandigheden op de hockeyvelden.

  5. ErikH

    Laten we ook niet overdrijven, kinderen hebben nauwelijks klachten en jongeren tot 60... herstellen doorgaans snel. Laten.we zorgen dat de ouderen met onderliggende klachten voorlopig niet gaan hockeyen of komen kijken, dan kunnen we redelijk snel weer aan de gang.

    1. solo

      Jongeren tot 60....?😄 ik voel me weer jong👍

  6. jpeper@wxs.nl

    Als trainer zeg ik, met een hoop creativiteit kan je al heel ver komen om er een uitdagende training van te maken. Ook zonder partijtjes enzo

  7. rancoburgzorg

    Op het gebied van het probleem van leden-retentie moet je niet alleen kijken naar gezinnen die de contributie niet meer kunnen betalen maar ook naar de velen die niet geloven dat er in 20/21 veel gespeeld of getraind gaat worden. Ik denk dat heel veel even minstens een jaartje gaan overslaan als je niet oppast.

  8. unplugged

    Weer zo' n ONZIN item , zeker ook niets beters te doen . Gewoon wachten tot het weer verantwoord is .

  9. stekel

    Raar verhaal zonder enige onderbouwing. Aannames en vooronderstellingen.


Wat vind jij? Praat mee...