Hockeyverhalen: de opkomst en ondergang van de aluminium stick

In ‘Hockeyverhalen’ anekdotes van redacteur Sander Collewijn, die o.a. bij Hurley Hoofdklasse speelde. Deze week over de Alutech, de aluminium stick van Dita die furore maakte op de hockeyvelden, maar ook weer werd verboden.

De Koude Oorlog en de dreiging van kernraketten waren in de jaren negentig nauwelijks verdwenen, of er kwam iets anders voor in de plaats. De lancering van een hockeywapen, waarmee je harder kon slaan dan ooit. ‘Van 0 tot 100 in 2 seconden’ was de ronkende advertentietekst van stickfabrikant Dita, die een op handen zijnde snelheidslimiet op de hockeyvelden suggereerde.

Dit was geen revolutie, maar moest een openbaring worden. In plaats van slappe schoten met dat Aziatische hout tegen leren legguards, kon elke sterveling straks met honderd kilometer per uur op goal slaan en zichzelf superman wanen.

Niemand van ons team had ooit die hockeystick van aluminium in handen gehad, maar toen de gordijntjes gekapselde teamgenoot met misschien wel de rijkste ouders van het team het veld op kwam lopen met een blauw fluorescerende stick, rende iedereen erop af.

Dit was hem dan. De Dita Alutech 600.

De duurste stick die er op dat moment bestond. Er was ook nog een Alutech 500 en 3000 verkrijgbaar. De Alutech 3000. Het klonk als een moordwapen uit de Terminator-films.

Foto: Marktplaats

Het geluid van de Alutech was ongelofelijk

Er is veel te vertellen over de Alutech, maar het eerste wat bij iedereen als eerste te binnen schiet, die dit gevaarte heeft meegemaakt, is het geluid dat werd geproduceerd als het aluminium de hockeybal raakte. Zoals het supersonische vliegtuig Concorde elke dag miljoenen burgers liet schrikken, als het weer met een knal door de geluidsbarrière raasde, zo bezorgde het geluid van de Alutech best wat hockeyers nachtmerries.

Om het geluid van deze stick te kunnen omschrijven, moet je eerst het geluid van een kunststof of houten stick tegen een bal duiden.

Plok?

Tok?

Iets gedempts in ieder geval.

De Alutech zei altijd een soort snerpend ‘Ping’, een geluid dat door merg en been ging en ook meteen de hockeyer met aluminium op het veld identificeerde, als je al niet verblind was door de kleur. Hockeyen tegen een Alutech was zeventig minuten lang luisteren naar een blikken geluid.

Het was een groot contrast met het beschaafde en karakteristieke geluid van het Pakistaanse hout tegen een heerlijke Kookaburra-bal. Maar de meningen hierover zijn verdeeld. De Alutech hockeyers zeiden zelf dat ze wel genoten van dat honkbal-geluid. Ook een kwestie van smaak dus.

Natuurlijk weerhield dat schelle geluid ons in Kampong Jongens B1 er niet van om op de training massaal het nieuwe slagwapen te proberen. De jongen met de Alutech was tijdelijk de populairste speler van het team, als die klasgenoot met die nieuwste spelcomputer. Testen van het revolutionaire wapen deden we als jochies vaak tegen beter weten in, omdat je al kon raden dat je ouders niet twee keer zoveel gingen betalen voor een hockeystick, als er normale alternatieven waren. Maar de marketing van het nieuwe superwapen was slim.

Een belangrijk verkoopargument was opvallend genoeg de duurzaamheid. ‘Praktisch onverslijtbaar’, stond er dan ook in de advertentie van Dita. Dat kwam niet alleen door het aluminium, dat heel lang mee moest gaan. Het was ook de kop van geperst en gelakt hout. En het was juist die kop die mede de ondergang betekende van de Alutech.

Advertentie in Hockey Magazine. Klik op de advertentie voor de PDF.

Niet de meest comfortabele stick

Het moet gezegd: slaan met de Alutech was anders dan alles wat je tot nu toe had meegemaakt. Als je de bal goed raakte, kon je hard slaan. Heel hard. Harder dan hout. Het gaf keepers en medespelers kopzorgen. Verder bleek de stick niet in alle opzichten een grote winnaar. De Alutech werd door de meeste hockeyers niet als de meest comfortabele stick gezien. Balbehandeling was soms lastig. Hij was wat log. Een strafcorner stoppen was vrij onmogelijk. Als het koud was, deed de stick pijn aan je handen.

De Alutech was op het oog perfect voor ouderwetse ausputzers, voor verdedigers, die met lange klappen de aanval wilden bereiken en bij de strafcorner naar voren werden geschoven als aangewezen kanon. Mensen die van zware sticks hielden. Die iets massief in hun handen wilden hebben. Dat het merk Easton – producent van honkbalknuppels – ook een aluminum stick maakte in die tijd zegt genoeg over de achtergrond van deze nieuwe stick, die ook door TK werd geproduceerd.

Links de advertentie van Easton voor hun aluminium sticks. Zoals de ‘Black Magic’ en de ‘Magnum’. @Hockey Magazine

Verboden

Na een aanvankelijke hype van het peperdure nieuwe materiaal, toen het cool was om early adapter te zijn, ebde op een gegeven moment de aandacht weg. Er werden geen nieuwe helden door het wapen geboren, die dankzij het materiaal het Nederlands elftal haalden, omdat ze opeens vijftig doelpunten per seizoen maakten. Sterker nog, het nieuwe materiaal zou slachtoffers maken. De vervangbare, gelijmde kop bleek een loszittende kop.

Regelmatig vloog er ergens op de wereld wel een kop van een Alutech over de hockeyvelden. Zomaar tegen medespelers aan, met alle gevolgen van dien. De stick bleek niet altijd even duurzaam. Als de stick brak, konden de aluminum splinters levensgevaarlijk zijn voor andere hockeyers. En zo werd de stick door de wereld hockeyfederatie FIH rond de eeuwwisseling verboden.

Misschien dat er nog een Alutech ergens op zolder of in een hockeymuseum ligt. Want daar hoort hij zeker thuis. De aluminium stick bleek achteraf een slimme tussenoplossing, een stap verder dan het ouderwetse hout. Ze zijn allang niet meer nodig.  De kunststof stick die snel zou volgen combineert effectief het voordeel van een Alutech – power – met veel meer gevoel, richting het ouderwetse hout.

Maar er zullen zeker liefhebbers te vinden zijn die ook nu nog zweren bij hun aluminium wapen.

Lees ook:

 


7 Reacties

  1. luchtisblauwgrasisgroen

    Ik herinner me een speler van Xenios die met een alu-stick speelde (en waar iedereen bang voor was wanneer hij ging slaan, omdat het zo ontzettend hard was). Het is ook voorgekomen dat de haak los kwam van de stick omdat het aluminium niet sterk genoeg was.

    1. Mike de Bot

      Dit had niet met het aluminium te maken, maar kwam door de lijm die gebruikt werd om de houten haak in de stick te bevestigen.

  2. benzinewagen

    Ik heb zo’n ding 1 keer in mijn handen gehad en gauw doorgegeven. Geen gevoel.

  3. monnie_13

    Die jongen van Xenios ken ik wel ;-) ! Was een moordwapen met schoten op goal en helemaal met de toen nog geslagen strafcorner

  4. Frankads

    Ha, de alu... in mijn jeugd team in de jaren 90 hadden we er 9 in het team. Zwarte dita's met neon roze letters. Dat roze dat vonden we niets. Dus de garage in en zandstralen een polijsten totdat die glom als chroom... In slaan ging van achter lijn naar midden lijn en dan nog steeds een harde klap met stoppen. Kaatsen als een malle. Het was net een flipperkast met al die alu's . Sloeg mijn eerste kapot bij een uit wedstrijd. Haak met alu splinters eraan vloog door het veld. Bij de tegenstander was er 1 met een alu die wou er direct vanaf dus die voor 50 gulden overgenomen ;) Ik heb hem nog steeds. Neem hem wel eens mee als ik training geef op de club aan een jeugd team. Dus als je iets ziet glimmen en ping of pong hoort.... dan weet je genoeg.;) Ik was trouwens ausputzer... je verhaal klopt als een bus!

    1. benzinewagen

      Wees eerlijk. Je hebt wsch. nog steeds pijn in je klauwen. En het was toch een beetje alsof je met een machinegeweer door de Etos loopt terwijl andere klanten alleen maar een vliegenmepper hebben

  5. Frankads

    @benzinewagen. Op een koude dag was je wel even aan het inslaan voor dat die wat vriendelijk was voor je vingers. ;) Maar Ik kon er prima me overweg. In denk dat ik in de 6 jaar in de jeugd ermee gespeeld heb en nog een jaar illegaal in een studenten team ergens in 2002. Toen kreeg ik wel de vraag of mijn stick kapot was. Hij klonk zo raar...


Wat vind jij? Praat mee...