Topclubs zien geen oplossing voor kwestie vrouwencompetitie

Amsterdam, Den Bosch en SCHC, de drie topclubs in het vrouwenhockey, staan open voor een gesprek met andere hoofdklasseclubs en de KNHB over (het gebrek aan spanning in) de Livera Hoofdklasse Dames. Wel geven ze onmiddellijk aan een mogelijke oplossing niet te weten. Onlangs pleitte hdm voor een overleg tussen de clubs en de bond.

‘Natuurlijk staan wij open voor een gesprek’, zegt Vera Vorstenbosch van de commissie Tophockey Dames van Den Bosch. ‘Maar ik denk dat het heel lastig is om als clubs onderling iets aan deze kwestie te doen.’

Door het vertrek van Mascha Sterk naar SCHC en Hester van der Veld en Fay van der Elst naar Amsterdam zag hdm deze transferperiode het gat met de top drie groter worden. De versmalling van de top bovenin vindt hdm geen goede ontwikkeling voor de competitie.

Maartje Krekelaar, Margot van Geffen, Lidewij Welten en Sian Keil vieren het winnen van de achttiende landstitel van Den Bosch. Foto: Koen Suyk

Ook wij hebben er belang bij dat op den duur meer toeschouwers langs de lijn staan en er meer media-aandacht komt Klaas Veering, Bestuurslid Tophockey Amsterdam

Klaas Veering, bestuurslid Tophockey Amsterdam, zegt dat Amsterdam – dat nu jaarlijks meedoet om de landstitel – niet op de barricade springt om aan de huidige situatie iets te veranderen. ‘Maar we zien ook in dat het voor de duurzaamheid van de sport goed is om de competitie aantrekkelijker te maken voor de sponsoren, de media, de speelsters en het publiek. Ook wij hebben er belang bij dat op den duur meer toeschouwers langs de lijn staan en er meer media-aandacht komt.’

Arthur Bouvy, voorzitter van SCHC, deelt die mening. ‘Ik ben er voorstander van om te bekijken hoe je de competitie aantrekkelijker kunt maken. Maar ik zou niet weten hoe. Er zijn meer sporten waarin drie, vier teams aan de top staan. Sinds jaar en dag hikken wij ook tegen Den Bosch aan, dat al negentien keer landskampioen geworden is – en wij niet. Ik zeg toch ook niet dat daardoor de competitie vervalst wordt? Wij moeten gewoon zorgen dat wij het beter doen dan Den Bosch.’

Aan het overstappen van talentvolle spelers naar de topclubs valt volgens Vorstenbosch van Den Bosch weinig te doen. ‘Tegen een talent dat een mooie kans krijgt, kun je moeilijk zeggen dat hij of zij de overstap niet mag maken. Het hoort er een beetje bij. Het gebeurt ook op iedere leeftijd en op ieder niveau. In Den Bosch Dames 1 spelen twee of drie meiden die in de mini’s begonnen zijn en vele anderen die ook al in de jeugd naar Den Bosch zijn gekomen. Clubs zouden dan onderling moeten afspreken dat ze van elkaars talenten afblijven, maar dat is moeilijk na te leven. Ik geloof ook niet dat de sport daarbij gebaat is. Dat een talent zich ontwikkelt, is ook weer goed voor het Nederlands hockey.’

Oranje-Rood raakte Laura Nunnink onlangs kwijt aan Den Bosch. Foto: Den Bosch

Ik snap dat de bond de beste speelsters graag bij dezelfde clubs ziet spelen om uiteindelijk zo goed mogelijk met het Nederlands elftal te kunnen presteren. Arthur Bouvy, voorzitter van SCHC

SCHC-voorzitter Bouvy noemt het belang van het nationaal elftal. ‘Natuurlijk snap ik dat de competitie spannender kan zijn. Maar ik begrijp ook dat de bond de beste speelsters graag bij dezelfde clubs ziet spelen om uiteindelijk zo goed mogelijk met het Nederlands elftal te kunnen presteren. Hoe beter Oranje het doet, hoe meer mensen willen hockeyen en hoe meer leden wij bij SCHC kunnen verwelkomen. Het blijft dus een lastig dilemma.’

In het artikel van twee weken geleden liet hdm weten zich te verbazen dat Amsterdam en SCHC het gat dat is achtergelaten door speelsters die zijn gestopt, niet kan opvangen met eigen jeugd en daarom bij Van der Veld, Van der Elst en Sterk uitkwamen. Bouvy pareert die kritiek door te stellen dat van de 21 selectiespelers van SCHC van volgend seizoen er negen uit de eigen jeugd komen.

Veering van Amsterdam noemt Felice Albers, Noor de Baat, Sosha Benninga, Floor de Haan en Lana Kalse als speelsters afkomstig uit de eigen jeugd. ‘Ik vind Amsterdam juist een voorbeeld van een club die wél met een eigen jeugdopleiding meedraait in de top. Bovendien is het een illusie dat je een topteam kunt bouwen dat helemáál uit eigen jeugd bestaat. Om zichzelf te ontwikkelen, maken sommige speelsters nu eenmaal de overstap van de ene naar de andere club. Zo werkt sport nu eenmaal.’


13 Reacties

  1. RickdeVries

    SCHC-voorzitter Bouvy noemt het belang van het nationaal elftal. ‘Natuurlijk snap ik dat de competitie spannender kan zijn. Maar ik begrijp ook dat de bond de beste speelsters graag bij dezelfde clubs ziet spelen om uiteindelijk zo goed mogelijk met het Nederlands elftal te kunnen presteren. Dit begrijp ik echt niet. Leuk om vaak gezamenlijk te trainen, maar zonder weerstand in de competitie wordt je toch echt niet beter.

    1. jobe

      Ik denk dat SCHC beter een andere woordvoerder had kunnen kiezen. Slechte uitspraak. Kan me niet voorstellen dat dit policy bij de bond is.

  2. alsjemenou

    Club gaat voor het nationaal team ! We gaan toch niet alles ondergeschikt maken aan die paar wedstrijden en toernooien die er internationaal toe doen. Bedenk even bij wie je meeste tijd doorbrengt en wie je meest betaalt. En gewoon accepteren dat af en toe je betere spelers vertrekken, kun je dus op anticiperen. Of zorg dat jij die betere spelers van andere clubs krijgt. Uiteindelijk is het simpel: natuurlijke marktwerking.Niks mis mee.

  3. kasparstevens

    In Olympisch jaar prioriteit op Nederlands Elftal en in de 3 andere jaren op de Hoofdklasse. In die 3 jaren met de bondscoaches afspreken maximaal 3 (of 4) spelers/speelsters per periode/toernooi/trip te selecteren per club (excl de keepers). In Olympisch jaar onbeperkt selecteren.

  4. KoningWilly

    Natuurlijk is de oproep van hdm belachelijk. Inderdaad, ook in het voetbal, handbal, waterpolo, etc. geldt gewoon dat het clubs zich vrij staat betere spelers aan te trekken wanneer dit kan. Ajax, PSV en Feyenoord zijn al jaren de onbetwiste top 3 uit het voetbal. En het ene jaar doet AZ lekker mee, dan weer Utrecht, Vitesse, etc. Zo ook in het hockey toch? Het probleem is enerzijds dat hockey gewoon attractiever moet worden gemaakt. De andere zijde is echter puur hdm-gerelateerd. Hdm is in paniek, en dat is haar eigen schuld. Zij is niet in staat topspelers vast te houden, maar ook de aanvulling van de selectie vanuit de jeugd is fors terug gebracht. Je kunt geen binnengehaalde A-spelers van kleinere clubs als eigen opgeleide jeugd betitelen, die dan weliswaar qua atletisch vermogen wat voorlopen, maar technisch en tactisch toch een achterstand hebben. Het maakt dat hdm de jeugdopleiding naar het 2e plan heeft gedegradeerd. Op deze manier zal hdm dames 1 zich moeten opmaken voor een voortdurende strijd tegen degradatie uit de hoofdklasse.

    1. koeienbijtenniet

      Blijft gewoon een “huil” verhaal van HDM. De regio “leegroven” van alle talenten om vervolgens verongelijkt te doen richting topclubs als je eigen talenten wegtrekken. En als klap op de vuurpijl, in de pers laten zien, dat je niks van je “concurrentie” weet, door te stellen dat er bij de topclubs geen jeugd doorstroomt.

  5. HockeyInside

    Dat de betere spelers vertrekken naar de diverse topclubs is een patroon die je in iedere sport ziet. Deze spelers willen veel winnen (prijzen) en zich meten met de beste. Om de opleiding/organisaties/competitie naar een hoger niveau te tillen zijn er naar mijn mening een aantal zaken die je als club/bond kunt doen. - Trainers die selectie teams trainen B1/A1 en senioren op het niveau hoofd/promotieklasse zijn allen in het bezit van het hoogste trainersdiploma. Dit diploma ontvang je niet naar 6 a 7 mnd maar na twee jaar waarin je theorie en praktijk samenbrengt, stage loopt bij top coaches en clubs in andere sporten. (trainingsmethode/tactiek). -Analyseer waar je stappen kunt maken qua training/organisatie. Op dit moment trainen alle teams bij de junioren qua frequentie, 1/2 veld, trainingsvormen op min op meer dezelfde wijze. De uitkomsten van deze manier van trainen bij de diverse clubs gaan niet een ander beeld opleveren. Vooral bij de dames is veel te winnen qua positiespel (tactiek) Blijven alle clubs hetzelfde doen zal de top bij de dames niet snel veranderen; Den Bosch, Amsterdam, SCHC. - Ga harder/gerichter trainen (niet noodzakelijk meer) en durf meer te eisen van elkaar. (spelers/organisatie) -Doorbreek bij de clubs en bond het old boy's network , is niet gezond. Het zorg voor een weinig kritische houding naar elkaar. - Ga versnippering tegen; zorg voor een netwerk dat actief de grote talenten opspoort en onderbrengt bij de grote clubs in de regio (faciliteiten/trainers/niveau) zodat er een grotere concentratie talentvolle spelers verspreid wordt over minder clubs. Begrijp dat dit voor clubs in de randstad lastiger is maar toch. Mijn conclusie is dat indien Hockey meer media aandacht wil, betere competitie (dames) zal moeten "professionaliseren' en op elk gebied de lat hoger zal moeten leggen.

  6. rustaaagh

    De beter spelers vertrekken idd gewoon naar de topclubs. Tenzij er een club is die meer betaalt en in de top terecht wil komen. Het maakt mij niet uit of een trainer 10 jaar ervoor heeft of 0 dagen en het gewoon kan en spelers beter kan maken. Juist door die opleiding icm the old boys network maken we eenheidsworsten.

  7. edwin-smolders

    Spelers en speelsters worden beter door zoveel als mogelijk met de besten op het veld te staan. Uiteindelijk komt dit het niveau van Nederlands team ook ten goede. Bijna dagelijks ook binnen trainingen op hoogste niveau moeten presteren is in belang van de club en dus ook Oranje. Uiteindelijk moet je als club het “probleem” bij jezelf zoeken. Wat kan ik als club doen om het niveauverschil te verkleinen. Dat is een proces van jaren en vraagt van jongs af aan visie, opleiding en beleid

  8. hockeydier

    Volgens mij geven de 3 verantwoordelijken van de topclubs aan dat ze mee willen denken aan het verbeteren van de competitie maar weten niet hoe of te wel geen creativiteit van denken of (en geloof me) geen zin of belang hierbij hebben. Accepteer het met z’n allen. We gaan dit veranderen. De kleinere clubs leiden op, vanaf B gaan de talenten naar de grote clubs die dan zeggen dat er zoveel eigen talenten in Dames 1 zeggen. Leve de kneuterigheid 🤩

    1. koeienbijtenniet

      Het probleem ligt niet bij de drie topverenigingen, maar bij de rest. Bedenk een plan om te concurreren ipv naar de clubs te wijzen die goed presteren.


Wat vind jij? Praat mee...