De top-7 transfers Hoofdklasse Heren 2017-2019

Zondag begint de tweede helft van de hoofdklassecompetitie. De eerste transfers zijn al bekend en meerdere transfers worden in deze periode voorbereid. Maar wat zijn de afgelopen drie seizoenen voltreffers gebleken op de transfermarkt?

Floris Middendorp tijdens Amsterdam-HGC (7-3). Foto: Koen Suyk

Floris Middendorp – van Hattem naar Amsterdam (2019)

De transfer was al een aantal jaren in de maak en toen het zover was, bleek het meteen een schot in de roos. Op achttienjarige leeftijd trok Middendorp van het bescheiden maar hockeyminnende Hattem naar Amsterdam. Het is een transfer die vaker tot serieuze hockeycarrières heeft geleid. Marten Eikelboom en Jan Willem Buissant zijn illustere namen die hem voorgingen.

De superhandig spits Eikelboom won goud op de Olympische Spelen van Sydney met Oranje. Draaitol Buissant was jarenlang een creatieve kracht op het Amsterdamse middenveld. Het spel van techneut Middendorp heeft een vleugje Buissant. Zijn silhouet heeft wel wat weg van dat van Eikelboom. Alsof er in hockeyfabriek Hattem alleen maar sierlijke techneuten worden geproduceerd, die hockey een lust voor het oog maken.

Middenvelder Middendorp nam rugnummer 7 over van Buissant en liet snel zien dat hij uit het juiste hout is gesneden. Met veel branie scoorde hij in een half seizoen al twee goals die mee kunnen dingen tot de mooiste van het jaar. Twee keer danste de nieuwe nummer 7 van Amsterdam samen met 193-voudig international Valentin Verga door de hoofdklasse-defensies.

De driedubbele een-twee tegen HGC was schitterend. Net als het hoogstandje met zijn stick, tegen Almere. Veel spelers hebben tijd nodig als ze opeens elke week hun kunsten moeten vertonen in het Wagener Stadion, waar het ervaren publiek immer kritisch is. Daar heeft groeibriljant Middendorp geen last van.

Keeper Flip Wijsman tijdens de hockeywedstrijd landelijke jeugd, Bloemendaal JA1- MHC Laren JA1 (2-3), 2019. Foto: Koen Suyk

Flip Wijsman – van Bloemendaal naar Almere (2019)

Als er een instituut in de goal stond bij een hoofdklasseclub, dan was dat in ieder geval keeper Youri Beck. In bijna elk wedstrijdverslag over Almere stond Beck apart vermeld, omdat hij er altijd wel een bal uitfrommelde, die er niet uitgefrommeld kon worden. Natuurlijk, Beck speelde al jaren degradatiehockey in de Hoofdklasse en dus moest hij veel ballen verwerken, maar iedereen zal het erover eens dat hij een van de steunpilaren van de promovendus was.

Toen Beck deze zomer besloot om meer tijd in zijn maatschappelijke loopbaan te stoppen, lag het niet voor de hand om een 18-jarige keeper in de goal te zetten. Keepen is een ervaringsvak. Niet voor niets zeggen ze dat keepers rond hun dertigste op hun best zijn. Maar daar had Almere-coach Pascha Gademan geen boodschap aan. Die geloofde heilig in de piepjonge Wijsman, die bij Bloemendaal de tweede viool moest leren spelen achter Maurits Visser. De belofte mag nu lekker veel ballen verwerken in Almere. Dat gaat hem goed af.

Sinds Wijsman in de goal staat bij Almere, klinken elke week loftuitingen van zijn teamgenoten. Nu wordt in elk wedstrijdverslag over Almere de naam van Wijsman genoemd.

Flip Wijsman, onthoud die naam.

hdm-Klein Zwitserland. Rechts Koen Bijen. Foto: Koen Suyk

Koen Bijen – van hdm naar KZ (2018)

Fysiek niet goed genoeg. Dat was in 2017 het oordeel over Koen Bijen bij het gepromoveerde hdm, de club van zijn jeugd. Bijen werd verteld dat hij in hdm Heren 2 mocht spelen. De spits zag voor zichzelf een heel ander scenario en Klein Zwitserland was zo slim om Bijen de kans te geven.

De aanvaller promoveerde met het roemruchte KZ naar de Hoofdklasse, waar hij vanaf de eerste wedstrijd indruk maakte. Na zijn eerste jaar in de Hoofdklasse velde hij zelf het vonnis over zijn oude club in de play-outs. Twee keer stond er Bijen op het scorebord, in de 2-1 overwinning op hdm. Het leek de ultieme wraak, hoewel er van een slechte verstandhouding geen sprake is.

Dit jaar speelde Bijen ‘gewoon’ voor zijn oude liefde hdm in de zaal. KZ  is zijn nieuwe liefde. De Haagse club met het fanatiekste publiek geloofde in Bijen, waardoor de aanvaller Jong Oranje haalde en afgelopen zomer het EK in Valencia speelde.

Jelle Galema scoort tegen zijn oude club Oranje-Rood.

Jelle Galema – van Oranje-Rood naar Den Bosch (2018)

Aanvaller Jelle Galema leek een beetje uitgehockeyd bij Oranje-Rood, waar hij ooit zo belangrijk was in de strijd om de landstitels. Galema verzoop, net als veel andere uitstekende hockeyers de afgelopen jaren, in het trainersmoeras van de onwennige fusieclub Oranje-Rood. Galema dribbelde nog wel aan de Aalsterweg, maar met de ziel onder de arm. Hij trok zijn conclusies en tekende bij Den Bosch.

De commentaren waren daarna voorspelbaar. Wat had hij nou te zoeken bij Den Bosch, dat bij de mannen vaak de mindere is dan Oranje-Rood?

Nu is Galema de revelatie aan de Oosterplas. Hij keerde terug in het Nederlands elftal en is het gezicht van de ontwikkeling die Den Bosch beleeft, richting de eerste play-offs sinds 2001 toen de club landskampioen werd.

Galema laat elke week in Den Bosch zien wat aandacht en wat liefde doet met een speler. Hij mag misschien wel dé vedette van Den Bosch worden genoemd, in een uitgebalanceerd team zonder enige arrogantie en vooral veel werklust. Galema oogt bevrijd en gelukkig.

Hij is de handenbinder, die met adhd-achtige snelheid de bal op en neer haalt en altijd voor dreiging zorgt. Iemand die zeventig minuten lang met energie smijt. Hij laat zien dat hij de verantwoordelijkheid aankan van een bepalende speler. Misschien is dit wel de beste transfer van de afgelopen jaren.  

Na de goal van Jorrit Croon ,finale Hoofdklasse Play-offs Landskampioenschap. Foto: Willem Venrnes

Jorrit Croon – van HGC naar Bloemendaal (2018)

Het getouwtrek om Jorrit Croon verdiende twee jaar geleden misschien geen schoonheidsprijs. De blonde wonderboy had zelf een langdurig contract bij HGC getekend, maar kon de lokroep van de Mussen niet weerstaan.

Maar het moet gezegd: het oranje van ’t Kopje zit hem sindsdien als gegoten.

In Bloemendaal overwon Croon definitief zijn post-olympische dip en maakte hij onder coach Michel van den Heuvel de volgende stap in zijn carrière. De tweede seizoenshelft die tot de eerste landstitel leidde sinds 2010, liet een volwassen Croon zien, die de balans tussen acties maken en degelijk hockeyen steeds beter weet te vinden.

Het hoogtepunt blijft de veelbesproken wondertreffer tegen Kampong, in de eerste wedstrijd van de finale om de landstitel. Toen de tijd even stil stond en Croon door de lucht soleerde, langs de giganten in de verdediging van Kampong. De beleidsbepalers in Bloemendaal wreven nog even in de handen en waren blij dat de onderhandelingen in de zomer van 2018 toch tot een overstap hadden geleid.

De ontlading bij Tim Swaen. Oranje Rood – Bloemendaal 2017-2018. Foto: Willem Vernes

Tim Swaen – van Tilburg naar Bloemendaal (2017)

Wat moest het grote Bloemendaal een paar jaar geleden nou met de toen 25-jarige Tim Swaen uit Deurne? Was het een versterking voor de breedte, om een leemte op te vullen die er vaak ontstaat bij de topclub, voor de plekken 12 tot en met 18 in de selectie?

Oud-international Floris Jan Bovelander, commisaris tophockey, noemde Swaen zo: ‘Tim Swaen is een stabiele versterking en heeft een sterke corner’, nadat hij die andere versterking Xavi Lleonart zo had getypeerd: ‘Xavi Lleonart Blanco is een snelle, felle aanvaller met een enorme drive naar voren.’

In zijn derde seizoen bij Bloemendaal blijkt de groei van Swaen. Niet alleen cijfermatig. Ja, hij heeft dit seizoen al vijftien goals gemaakt in dertien wedstrijden, waarmee hij gelijk staat met erkende strafcornerkanonnen Alexander Hendrickx en Jip Janssen.

De naam Swaen wordt tegenwoordig door sommige strafcornerexperts in een adem genoemd met dat andere Oranje. Zo dodelijk is de sleepcorner van de Brabander geworden, die bloeit op ’t Kopje, terwijl ook teamgenoot Jasper Brinkman over een hele goede strafcorner beschikt.

Tim Swaen is de vleesgeworden Deurnse droom. Het bewijs dat niet alles wat goed is, snel komt. Je kunt geleidelijk de top bereiken. Bij Oranje-Zwart werd hij op achttienjarige leeftijd te licht bevonden voor Heren 1. Dus trok de verdediger naar Eindhoven (zie foto). Vandaar maakte hij de stap omhoog naar Tilburg. Hij zou gaan samenwonen met zijn vriendin in Eindhoven, maar toen Michel van den Heuvel belde of hij naar topclub Bloemendaal kwam, bleek een studentenhuis in Amsterdam toch praktischer voor zijn hockeycarrière.

Nu is Swaen de onbetwiste nummer één op de kop van de cirkel bij het beste team van de Hoofdklasse. Hij won de EHL in 2018 en werd met zijn club een jaar later landskampioen. En misschien moet het beste nog komen van de stick van Swaen, die elk jaar harder en beter lijkt te gaan pushen.

Ronald Brouwer viert zijn treffer. Seizoen 2018-2019. Hidde Phijffer (SCHW) en Ronald Brouwer. Foto: Willem Vernes

Ronald Brouwer – naar Schaerweijde (2017)

Eigenlijk hoort deze transfer hier niet bij, omdat het om de Hoofdklasse gaat. Maar voor Ronald Brouwer maken we een uitzondering. Een voormalig international (220 interlands, 80 goals) naar de Promotieklasse, op 39-jarige leeftijd. Dat soort transfers kunnen twee kanten opgaan. De oud-international blijkt versleten, haalt het niveau niet meer en stopt stilletjes aan het einde van het jaar, zonder daar veel ruchtbaarheid aan te geven.

Bij Ronald Brouwer ging het allemaal heel anders.

De haren mogen dan grijs zijn en de karakteristieke bos wat uitgedund. Dat verhult dat het lichaam van de aanvaller goed is geconserveerd. Brouwer is als de perfecte occasion: veel kilometers gelopen, altijd lange afstanden, intensief gebruikt en keurig onderhouden. Ronald Brouwer heeft met zijn professionaliteit en zijn liefde voor het hockey de eeuwige hockeyjeugd. In zijn eerste seizoen bij Schaerweijde scoorde hij veertien keer. Tot nu toe heeft hij er na een competitiehelft er alweer negen in liggen.

En dan hebben we het niet eens over de manier waarop Brouwer scoort. Zijn slagkracht is nog steeds van olympisch niveau. Of hij nou een wedstrijd speelt in de Zeister Kuil of een partijtje meedoet met de training van Oranje, waar hij regelmatig assisteert: dat schot is nog steeds dodelijk. Nu is de oud-speler van HGC en Bloemendaal veertig jaar. In Nederland vinden we topsporters al snel oud. Maar waarom zou Brouwer niet nog jaren zo doorgaan?

Lees ook:


4 Reacties

  1. luchtisblauwgrasisgroen

    Arthur van Doren?

    1. Bob Krulvis

      Maico Casella?

    2. luchtisblauwgrasisgroen

      Eens! Seve Van Ass is ook een van de transfers die een groot verschil heeft gemaakt. Wellicht dat Hockey.nl alleen NLse spelers in beschouwing heeft genomen.

  2. sjuulpubben

    Rik Sprengers?!


Wat vind jij? Praat mee...