KNHB-directeur Gerritsen: ‘Reken op competitie vanaf 5 september voor iedereen’

Ook de hockeysport ziet na maanden van duisternis weer licht in de coronacrisis. De eerste reuring is terug op clubs, een pleidooi dat KNHB-directeur Erik Gerritsen vanaf dag één van de coronacrisis heeft gehouden. Hoe kijkt hij terug op die gekozen koers? Hoe staan de clubs ervoor? Wat verwacht Gerritsen van de toekomst? Een vraaggesprek. 

Laten we beginnen met de vraag die elke actieve hockeyer en hockeyliefhebber op dit moment bezighoudt: wanneer gaan we competitie spelen?
Erik Gerritsen: ‘Vanaf 1 september zijn de contactsporten toegestaan, dus ik reken erop dat we vanaf zaterdag 5 september in de volle breedte competitie kunnen spelen. Dat betekent wel dat daarvoor al trainingen met contactmomenten zijn toegestaan. We hebben een paar weken met contacttrainingen en oefenduels nodig voordat je wedstrijden kunt spelen. We zijn achter de schermen, met andere sportbonden en NOC*NSF, hard bezig om dat laatste te bewerkstelligen.’

Worden dat dan wedstrijden zonder publiek?
‘Ik heb er echt goede hoop op dat we vanaf 1 september al redelijk richting normaal gaan bij de hockeyverenigingen. Dat de clubhuizen dan open zijn, ouders naar hun kinderen kunnen kijken, Heren 3 na afloop een biertje kan drinken en er mensen op de complexen zijn die bij Dames 1 en Heren 1 kunnen aanmoedigen. Ongetwijfeld zijn de aantallen gelimiteerd en moeten we ook dan rekening houden met (afstands)maatregelen. Hoe die details er precies uit gaan zien, weten we nu ook niet. Daar zijn we mee bezig. Grote publieksevenementen zullen dan nog niet mogelijk zijn, verwacht ik.’

Ik hoop dat ouders van 1 september naar hun kinderen kunnen kijken, heren 3 na afloop een biertje kan drinken en er ook mensen op de complexen zijn die Dames 1 en Heren 1 kunnen aanmoedigen. Erik Gerritsen

In september starten is voor de Hoofdklasse bittere noodzaak als je kijkt naar het bomvolle programma: twee keer een EHL (in oktober en in april), een Hoofdklasse-competitie met play-offs, de FIH Pro League (tien wedstrijden per Oranje-team), een EK (begin juni) en de Olympische Spelen (juli/augustus). Dan laten we de Hoofdklasse Zaal en de Gold Cup nog maar even buiten beschouwing. Hoe gaan jullie voorkomen dat de internationals (internationals) niet overbelast raken, zoals in 2019 het geval was?
‘Vooropgesteld: in vergelijking met 2019 zijn er veel minder wedstrijden voor de Pro League. De Oranje-teams spelen alleen nog thuisduels en een dubbel uit tegen België. Dat neemt niet weg dat het programma vol is. Toch ben ik van mening dat we de programma’s zo kunnen optimaliseren dat het behapbaar voor de spelers is én ook onze eigen competitie overeind blijft. Een Hoofdklasse met voldoende speeldagen op zondag én een goede voorbereiding op de Olympische Spelen hadden voor ons prioriteit in het overleg met de FIH en EHF. In het onderhandelingsspel hebben we ons daardoor voor de Pro League en het EK moeten aanpassen. Hoe moeilijk dat ook is, omdat het om Pro League-wedstrijden en een EK in eigen land gaat.’

Volle tribunes bij het EK in 2016 in het Wagener Stadion. De vraag is hoe dat in 2021 is. ‘Een EK met een deel van het publiek zou nog te accepteren kunnen zijn, maar zonder zie ik niet zitten’, zegt Erik Gerritsen.  Foto: Willem Vernes

Dat EK staat nu gepland voor 4 tot en met 13 juni. Als er dan geen vaccin tegen corona is, kan het zijn dat er dan helemaal nog geen grootschalige evenementen met publiek mogen worden gehouden. Voor de EHF en FIH is een EK zonder publiek een optie is, omdat het EK ook als kwalificatie voor het WK geldt. Kun jij je dat voorstellen?
‘Als er geen publiek bij kan, moeten wij overleggen. De EHF en FIH kunnen wel willen dat het EK zonder publiek wordt gespeeld, maar daar staan wij als organisatie niet om te springen. Dat heeft enerzijds met geld te maken. Als sportliefhebber vind ik wedstrijden zonder publiek ook geen snars aan. Met een deel van het publiek zou nog te accepteren kunnen zijn, maar zonder zie ik niet zitten.’

Play-offs

Om wat lucht te scheppen in de volle hockeykalender zou de Hoofdklasse een jaar zonder play-offs kunnen worden gespeeld. Is dat voorstelbaar?
‘Ik vind de play-offs het mooiste dat we hebben. Wij gaan ervan uit dat we komend seizoen een volle competitie met play-offs hebben. Dat neemt niet weg dat we over alternatieve scenario’s moeten nadenken voor als het virus weer oplaait.’

Een competitie zonder play-offs kan ook een oplossing zijn om de reguliere competitie in de Hoofdklasse Dames spannender te krijgen. Vanaf komend seizoen zitten nagenoeg alle internationals bij drie clubs, Den Bosch, Amsterdam en SCHC. Hdm luidde al de noodklok en wil met jullie en de clubs om de tafel. Deel jij de zorgen van hdm?
‘Wij zijn voorstander van een spannende hoofdklasse met het liefst veel concurrentie. Maar om dat vraagstuk te kunnen beantwoorden, moet je naar het hele model van de Hoofdklasse kijken. Hoe zit het met de business-modellen? Hoe kunnen we meer geld genereren? Doen we genoeg om inkomsten en uitgaven in balans te houden? Moeten we afspraken over uitgaven maken? Zijn de accommodaties aantrekkelijk genoeg voor televisie? Misschien moeten we deze coronacrisis wel aangrijpen om versneld naar die vragen te kijken.’

‘Wij willen graag met elkaar bedenken hoe we de hoofdklassen sterker kunnen maken. Maar dat doe je niet in drie weken. Dat duurt langer en moet ook breder. Als bond kijken we ook naar de ontwikkelingen in de breedte. Naar een zomeravondcompetitie, andere bindingsmodellen. Uiteindelijk leert ons deze crisis dat we onze sport toekomstbestendiger moeten maken. Dat doe ik het liefst zo snel mogelijk.’

Bloemendaal met de schaal als landskampioen van 2019. Een competitie zonder play-offs om de belasting voor de spelers te verminderen, ziet Gerritsen niet zitten: ‘Ik vind de play-offs het mooiste dat we hebben.’ Foto: Koen Suyk

De verenigingen als fundament van de hockeysport is vanaf dag één jullie uitgangspunt geweest bij de aanpak van de coronacrisis. Ben je achteraf gezien tevreden over die gekozen strategie?
‘Ik ben tevreden hoe het is gelopen. Ik denk dat het mede door onze inspanningen – samen met de andere sportbonden en NOC*NSF – is gelukt om de boodschap met betrekking tot het belang van de verenigingsporten over de bühne te brengen. Ik zie het als een enorme erkenning dat de buitensporten als eerste categorie zijn opengegaan. We zijn echt blij dat we weer kunnen hockeyen. Al is hockey op 1,5 meter wel minder leuk. Vooral voor de kinderen boven de dertien jaar vind ik dat jammer. Maar daar moeten we niet over zeuren, we mogen blij zijn dat we stappen mogen zetten en dan weer werken aan de volgende stap.’

Hockeyprotocol

Hockeyen mag nu onder het sport- en hockeyprotocol. Hoe vind je dat de verenigingen omgaan met die protocollen?
‘Per saldo gaat dat heel goed. Je merkt dat verenigingen de regels goed naleven en heel creatief zijn. Wel zoeken verenigingsmensen met ons contact over wat wel en niet mag omdat er ook een grijs gebied is. Ik bedoel, wedstrijden spelen mag niet. Maar als MD1 en MD2 altijd tegelijk op hetzelfde veld trainen en die training afsluiten met een onderlinge partij, mag dat dan nu ook? Ik zou nu zeggen dat een onderlinge trainingspartij in die leeftijdscategorie is toegestaan, maar het mag geen toernooivorm zijn. Dit soort issues vraagt om maatwerk.’

Bij hockeyverenigingen is over het algemeen begrip voor de regels. Toch wordt ook met een schuin oog gekeken naar voetbalclubs waar wél drie seniorenteams op een veld staan en de spelers de bal gewoon met de hand mogen aanraken. Zijn we in het hockey niet roomser dan de paus?
‘Wij zijn bij het bepalen van het hockeyprotocol afgegaan op de adviezen van het RIVM, NOC*NSF en onze medische commissie. Die waarschuwen dat met te veel spelers op een veld een risico met zich meebrengt. Zij hebben gevraagd dat risico niet te nemen. Daarom hebben wij besloten het hockeyprotocol aan te scherpen en boven de dertien jaar maximaal achttien spelers per veld toe te staan. Wij willen ook voorkomen dat er wordt gezegd: de sport neemt zijn verantwoordelijkheid niet.
Overigens vinden ze bij het voetbal dat wij weer veel verder gaan met de hockeykampen. Dat doen zij niet.’

Volgens het hockeyprotocol mogen ouders niet op de accommodatie en moeten zij hun kinderen bij het hek afzetten. Zoals hier bij het Amsterdamse Westerpark. Foto: Koen Suyk

Over die kampen gesproken. Organisatoren klagen daar over het gebrek aan duidelijkheid: wat mag nu wel en wat mag nu niet? Als je even online zoekt, worden op Hemelvaartsdag en met Pinksteren ook gewoon hockeykampen aangeboden. Kunnen ouders hun kinderen daar heen laten gaan?
‘De protocollen zijn duidelijk: hockeykampen oude stijl mogen op dit moment niet. Dat geldt niet alleen voor meerdaagse kampen, maar ook voor dagkampen. Het is nu niet toegestaan om spelers een hele dag op de club te houden. Het protocol schrijft voor: het is trainen en weer weg. Kinderen mogen ook niet eten op de club. We staan wel toe dat derden op clubs kinderen bijvoorbeeld anderhalf uur training geven, maar dan moeten de kinderen daarna van het complex af. Als ze dan ’s middags terugkomen voor nog een training, mag dat wel. We hopen echt dat de organisatoren zich aan die regels houden en ze de hockeysport niet in een slecht daglicht plaatsen.’

‘Laat duidelijk zijn dat wij vinden dat hockeykampen een belangrijk onderdeel van onze branche zijn. De organisatoren kunnen ervan op aan dat wij vechten voor de kampen en de organisaties. Wij weten dat ze hard worden getroffen. Wij hopen dat áls straks de sanitaire voorzieningen op campings weer opengaan en misschien de horeca bij verenigingen op terrassen wordt toegestaan, het ook mogelijk is om weer kampen te houden. Zover is het echter nog niet. Maar daar lobbyen we wel voor en we promoten en komen ook op voor deze deelsector.’

Financiële pijn

De organisatoren van hockeykampen zijn in de hockeysport zeker niet de enigen die zijn getroffen. Ook bij verenigingen zit veel financiële pijn. De huur moet worden opgeschort, trainers worden niet betaald en spelers leveren salaris is. Hoe erg is het?
‘Ik heb aan het begin van de coronacrisis gezegd dat de clubs er in de basis goed voor staan en er geen verenigingen zouden omvallen. Dat beeld is nog hetzelfde. Clubs hebben het moeilijk, maar redden het wel. Cruciaal is het perspectief dat door het kabinet per 1 september is geboden. We merken daardoor dat leden in grote mate solidair zijn, niet weglopen en sponsors blijven. Als we een jaar lang geen competitie hadden kunnen spelen, was de hele infrastructuur van het hockey en de verenigingssport in Nederland in elkaar gestort.’

Erik Gerritsen: ‘Hockeykampen oude stijl mogen op dit moment niet. We hopen echt dat de organisatoren zich aan die regels houden en ze de hockeysport niet in een slecht daglicht plaatsen.’ Foto: Willem Vernes

Jullie becijferden eerder dat de schade voor de hockeysport tientallen miljoenen zou zijn en voor de totale sportsector circa 900 miljoen. In het noodfonds voor de sport zit ‘slechts’ 110 miljoen euro. Dat is toch niet toereikend?
‘Dat ‘slechts’ wil ik wel iets nuanceren. Veel verenigingen kunnen ook gebruik maken van bestaande overheidsregelingen zoals NOW en TOZO. Dat hebben veel clubs – en wij hebben ze daar waar nodig zo goed mogelijk bij ondersteund – ook gedaan. Het noodfonds biedt clubs verder de mogelijkheid om kwijtschelding van de huur voor gemeentelijke sportaccommodaties te krijgen. Dat kan clubs veel geld schelen. Ik vecht momenteel wel voor de groep die niet voldoende wordt gecompenseerd: de verenigingen die een eigen of een deels eigen accommodatie hebben. Ik vind dat voor die verenigingen aanvullende steun moet komen. Dus laat ik zeggen dat ik het noodfonds een mooie eerste stap vind, maar we zijn er nog niet.’


8 Reacties

  1. tiemezegelink

    Zal mooi zijn, maar laten we het eerst alles even afwachten.

  2. kasparstevens

    Zijn er meer onder jullie die enorm verrast zijn door dit deel van de prioriteitstelling? “ wij vinden dat hockeykampen een belangrijk onderdeel van onze branche zijn” Waar komt deze prioriteit vandaan, hoe staat die in relatie tot de vele andere belangen die de KNHB dient?

  3. kasparstevens

    Wat mij betreft bijvoorbeeld veel liever twee teams trainen op een veld, en dan nog maar even geen hockeykampen ... als dat zo tegen elkaar afgewogen kan worden.

  4. TimoBosma

    Zou fijn zijn als KNHB dan ook eens met (concept) programma komt zodat clubs hun jaar programma ook kunnen samen stellen

  5. bouwman

    Ik denk dat het nu even tijd is onderling gekrakeel in de koelkast te zetten en de KNHB "breed" te ondersteunen.

  6. piadewolf

    Blij dat er ook iets over de kampen staat, ik ben namelijk een kleine zelfstandige die voor 10 maanden contracten heeft met clubs en dus de zomermaanden moet overbruggen door kampen te organiseren. Ik begrijp de weerstand van het woord prioriteit maar begrijp dat dit niet alleen om de KNHB gaat maar ook om kleine zelfstandigen .

  7. jkoppenol

    "Wij willen ook voorkomen dat er wordt gezegd: de sport neemt zijn verantwoordelijkheid niet." Dus imago is belangrijker dan met effectieve en minimale nodige maatregelen zoveel mogelijk de hockeyers hun gezondheid en plezier in de buitenlucht te laten genieten. En het RIVM is een ambtelijk apparaat zonder onafhankelijkheid en zelflerend vermogen. Laat als bond je niet alleen daar door leiden!

  8. BJvc

    Overigens gaan de dagkampen bij het voetbal wel gewoon door. Is dat niet juist een perfecte stimulatie om de leeftijd t/m 12 lekker aan het bewegen te krijgen. Een goede organisatie is uiteraard belangrijk, maar wanneer niet als je met die doelgroep werkt. De basisscholen gaan vanaf 8 juni ook weer volledig open, dus alle kinderen maken weer gebruik van de toiletten, lunchen op school met zijn allen, etc. Misschien was het artikel al geschreven voordat dit bekend was.


Wat vind jij? Praat mee...